…voor inspiratie, levenswijsheid en bezinning

Jezelf accepteren door Ayya Kema

Jezelf accepteren vanuit Vipassana perspectief*

Als we een liefdesverhouding met onszelf willen die realistisch is, en bevorderlijk voor onze groei, moeten we onze eigen Moeder worden. 

Het is een vreemd verschijnsel dat veel mensen het moeilijk vinden om zichzelf lief te hebben. Je zou kunnen denken dat dit het gemakkelijkste is dat bestaat, omdat we voortdurend met onszelf bezig zijn. We zijn voortdurend bezig met hoeveel we kunnen krijgen, hoe goed we kunnen presteren, en hoe comfortabel we het kunnen hebben. De Boeddha noemde in een verhandeling “Jezelf is, van alles wat er is, je het dierbaarst”. Als dat waar is, waarom is het dan zo moeilijk om echt van jezelf te houden?

Jezelf liefhebben betekent zeker niet dat je jezelf zou moeten verwennen. Waarachtig liefhebben is een houding ten opzichte van jezelf die de meeste mensen niet hebben, omdat ze veel dingen over zichzelf weten waar ze niet blij mee zijn. Iedereen heeft ontelbare gewoonten, reacties, sympathieën en antipathieën, die ze liever kwijt zouden zijn. Er wordt een balans opgemaakt waarbij de positieve aspecten van het eigen karakter wel worden gewaardeerd en de negatieve verworpen. Dit leidt tot onderdrukking van eigenschappen waar je niet tevreden over bent. Je wilt je er niet in verdiepen en je maakt jezelf wijs dat ze niet bestaan. Het is een manier om met jezelf om te gaan, die schadelijk is voor je groei.

Een andere verkeerde manier is: een ​​hekel hebben aan dat deel van jezelf dat je negatief vindt. Elke keer als zich zoiets voordoet veroordeel je jezelf, wat die toestand alleen maar erger maakt. Dat gaat vaak gepaard met angst en agressie. Als je op een evenwichtige manier met jezelf wilt omgaan, is het niet zinvol om te doen alsof je onaangename eigenschappen niet bestaan, die agressieve, prikkelbare, verwaande trekjes van jou. Als we onszelf dat wijs maken staan we ver af van de werkelijkheid en hebben we ons in tweeën gesplitst. Zelfs als iemand misschien geestelijk evenwichtig en gezond gezond lijkt, staat het nog niet vast dat hij dat echt is. We zijn zulke mensen allemaal wel eens tegengekomen. Ze zijn te aardig om waar te zijn, wat het resultaat kan zijn van maskering en onderdrukking.

Jezelf de schuld geven werkt óók niet. In beide gevallen projecteer je je eigen reacties op andere mensen. Je beschuldigt anderen van tekortkomingen, reëel of ingebeeld. Of je ziet hen niet als gewone menselijke wezens. Iedereen leeft min of meer in een onwerkelijke wereld, doordat hun ego hen misleidt. Deze misleiding is helemaal onwerkelijk, omdat alles wordt beschouwd als òf geweldig perfect , òf als absoluut verschrikkelijk.

Het enige dat echt is, is dat we zes wortels hebben. Drie wortels van het goede en drie wortels van het kwade. Deze laatste zijn hebzucht, haat en onwetendheid. Maar we beschikken ook over hun tegenpolen: vrijgevigheid, liefdevolle goedheid en wijsheid. Verdiep je hierin. Als je dit onderzoekt en je er niet door laat verwarren, kan je deze zes wortels ook van anderen accepteren. Geen probleem, als je deze zes ook in jezelf hebt herkend. Het zijn de onderliggende oorzaken van ieders gedrag. Zo kunnen we onszelf wat realistischer bekijken. We hoeven onszelf niet de schuld te geven van onze ongezonde wortels, en onszelf ook niet op de schouder te kloppen voor onze gezonde wortels, maar hun bestaan ​​in ons als vanzelfsprekend accepteren. Dan kunnen we hoe anderen zijn ook moeiteloos aanvaarden, en kunnen we beter met hen omgaan.

We zullen minder last hebben van teleurstellingen, en we zullen anderen niet langer beschuldigen, omdat we niet meer leven in een wereld waarin alleen zwart of wit bestaat, of uitsluitend de drie wortels van negatieve kwaliteiten, of van hun positieve tegengestelden. Zo’n wereld bestaat nergens, en de enige persoon die zo is, is een Arahant. (vertaler: een Aharant in het boeddhisme verwijst naar een boeddha of een discipel van een boeddha). Het is vooral een kwestie van gradaties in elk mens. De niveaus van goed en kwaad zijn fijn op elkaar afgestemd Er is weinig verschil in karaktertrekken in ieder van ons, zodat het er niet echt toe doet. Iedereen heeft dezelfde klus te klaren, de gezonde neigingen te cultiveren en de ongezonde neigingen te overwinnen.

Ogenschijnlijk zijn we allemaal heel verschillend. Ook dat is een illusie. We hebben allemaal dezelfde problemen en beschikken ook over dezelfde vermogens om daar mee om te gaan. Het enige verschil is de duur van de oefening die je hebt gedaan. Oefening die al een aantal levens aan de gang is heeft je iets meer inzicht opgeleverd. Meer niet.

Helder denken komt voort uit het zuiveren van je emoties, wat een moeilijk karwei is. Maar het kan alleen met succes worden gedaan als het geen emotionele beroering in je veroorzaakt, maar een duidelijk rechttoe rechtaan actie die je zelf moet uitvoeren. Als je je daarvoor inzet, en je daartoe beperkt, haalt dat de angel er uit. De beweringen “wat ben ik toch geweldig”,  of “wat ben ik toch afschuwelijk”, zijn allebei absurd. We zijn geweldig noch afschuwelijk.

Iedereen is een mens met alle mogelijkheden en belemmeringen. Als je die mens kunt liefhebben, de mens die jouw “ik” is, met al zijn vermogens en neigingen, dan kun je ook anderen realistisch, en op een nuttige en hulpvaardige manier liefhebben. Maar als je een scheidslijn in het midden maakt, en uitsluitend houdt van het deel dat prettig is en niet van het deel dat niet ‘leuk’ genoeg is, dan zal de werkelijkheid nooit tot je doordringen. Eens zal je moeten inzien hoe dit in elkaar zit. Het is een “werkterrein “, een Kammatthana. Het is een interessante kwestie van het eigen hart.

Vertaler: Kammatthana betekent letterlijk “basis van werk” of “werkplaats”. Het beschrijft de contemplatie van bepaalde meditatiethema’s die worden gebruikt door een mediterende monnik, waardoor de krachten van verontreiniging (kilesa), hunkering ( tanha ), en onwetendheid (avijja) uit de geest kunnen worden geëlimineerd.

Als we op deze manier naar onszelf kijken, zullen we leren om op een gezonde manier van onszelf te houden. “Zoals een moeder met gevaar voor eigen leven, haar kind liefheeft en beschermt.” Word je eigen moeder! Als we een liefdesverhouding met onszelf willen die realistisch is en bevorderlijk voor onze groei, moeten we onze eigen Moeder worden. Een verstandige moeder kan onderscheid maken tussen wat nuttig is voor haar kind en wat schadelijk. Maar ze houdt niet op van het kind te houden als het zich misdraagt. Dit is misschien wel de belangrijkste manier om naar onszelf te kijken.

Iedereen misdraagt zich af en toe. Met gedachten, met spraak, of echt met daden. Meestal met gedachten, vrij vaak met spraak, en niet zo vaak door daden. Wat doen we daarmee? Wat doet een moeder? Ze vraagt het kind om iets niet nog een keer te doen. En ze houdt nog net zoveel van haar kind als tevoren, en ze gaat onverminderd door met het opvoeden van -en zorgen voor- haar kind. Misschien kunnen we beginnen met onszelf op te voeden.

Het doel is volwassen worden. Volwassenheid is wijsheid, die helaas niet afhangt van je leeftijd. Als dat zo was, zou het gemakkelijk zijn. Je zou een garantie in je zak hebben. Maar er moet er een klus worden geklaard. Eerst komt herkenning, dan moeten we leren om niet te oordelen, maar te begrijpen: “zo zat het in elkaar.” De derde stap is verandering. Herkenning is misschien het moeilijkste voor de meeste mensen. Het is niet gemakkelijk om in te zien wat er in je omgaat. Dit is de belangrijkste en meest interessante dimensie van contemplatie.

We leiden een contemplatief leven, maar dat betekent niet dat we de hele dag hoeven te mediteren. Een contemplatief leven betekent dat je elk aspect van wat er gebeurt beschouwt als een onderdeel van een leerervaring. Je blijft onder alle omstandigheden introspectief. Als je gedachten naar buiten laat gaan, iets dat de Boeddha ‘De uitbundigheid van de Jeugd’ noemde, ga je met je gedachten, naar de wereld van spraak en actie. Word je hiervan bewust, en keer terug naar binnen. Een contemplatief leven is in sommige kloosterordes een leven van gebed. Bij ons is het een combinatie van meditatie en  levensstijl. Het contemplatieve leven gaat in jezelf door. Die houding kan je ook aannemen als het om je herinneringen gaat. Keer terug in jezelf. Contemplatie is het belangrijkste ingrediënt van introspectie. Het is niet nodig om de hele dag stil te zitten en op je adem te letten. Elke beweging, elke gedachte, elk woord kan je iets aanreiken om jezelf beter te begrijpen.

Dit werken aan jezelf zal een diepe innerlijke geborgenheid teweegbrengen, die geworteld is in de werkelijkheid. De meeste mensen wensen en hopen op dit soort veiligheid, maar ze zijn nog niet eens in staat om dit verlangen onder woorden te brengen. Ze leven in een mythe, voortdurend hopen -of bang zijn- is het tegenovergestelde van het beschikken over innerlijke kracht. Een gevoel van veiligheid ontstaat als je de werkelijkheid in jezelf ziet, en je in het verlengde daarvan de werkelijkheid van alle andere mensen accepteert.

Laten we ervan uitgaan dat de Boeddha het bij het rechte eind had toen hij zei dat iedereen zeven onderliggende neigingen heeft: sensuele verlangens, rancunes, sceptische overtuigingen, zelfingenomenheid, verlangen naar het eigen voortbestaan, en onwetendheid. Zoek ze op in jezelf. Glimlach ernaar. Barst niet in tranen uit als je er iets van in jezelf in herkent. Glimlach en zeg: “Nou ja, er is dus werk aan de winkel.”

Een contemplatief leven wordt vaak te hardhandig nageleefd. Gebrek aan vreugde wordt gecompenseerd met het zoeken van blijdschap buiten jezelf.  Dat helpt niet. Je zou een zekere mate van luchthartigheid moeten cultiveren, maar daarbij moet je wel bij jezelf blijven. Je hoeft je nergens zorgen over te maken, of ergens bang voor te zijn. Niets is te moeilijk. Dhamma betekent de wet van de natuur, en we brengen deze natuurwet voortdurend in praktijk. Waarom zouden we daar afstand van moeten nemen? We kunnen niet ontsnappen aan de wet van de natuur. Waar we ook zijn, we ZIJN de Dhamma, We zijn vergankelijk (anicca), onvervuld (dukkha), en zonder innerlijke kern (anatta). Het doet er niet toe of we hier zijn of op de maan zitten. Alles blijft altijd hetzelfde. We hebben dus een luchtige benadering van onze eigen problemen nodig, en van die van iedereen. Maar niet te uitbundig en te geestdriftig. Liever een constante innerlijkheid, die een beetje luchtigheid bevat. Dat werkt het beste. Als je jezelf met gevoel voor humor bekijkt, is het veel gemakkelijker om van jezelf te houden. En dat maakt het ook veel eenvoudiger om van iedereen te houden.

Er was ooit een televisieshow in Amerika, die ‘People are Funny’ heette. We houden er soms de raarste reacties op na. Als je die analyseert en ontleedt zijn ze vaak absurd. We hebben heel vreemde verlangens en wensen, en onrealistische beelden van onszelf. Het is helemaal waar, “mensen zijn grappig”, dus waarom zou je die kant van jezelf niet kunnen zien? Het maakt het gemakkelijker om datgene te accepteren wat we zo onaanvaardbaar vinden van onszelf, en van anderen.

Er is één aspect van het menselijk leven dat we niet kunnen veranderen, namelijk dat het leven moment na moment doorgaat. We mediteren al een tijdje. Hoe reageert de wereld daarop? Die gaat gewoon door. De enigen die echt om ons geven, en die bezorgd om ons zijn, zijn ons eigen hart en onze geest. Als er sprake is van een verstoring, ontreddering, gevoelens van onwerkelijkheid en absurditeit, zul je je ongelukkig voelen. Dat is helemaal niet nodig. Alles is gewoon zoals het is. Als we leren om alle gebeurtenissen met meer gelijkmoedigheid te benaderen en ze te accepteren, wordt zuivering veel gemakkelijker. Daar gaat het om: onze eigen zuivering. En dat kan alleen jij voor jezelf doen.

Een van de beste resultaten hiervan is, dat als je je elke dag bewust bent van wat je doet, en je blijft mediteren zonder daarvan indrukwekkende resultaten te verwachten. Het gebeurt beetje bij beetje. Als je er aan blijft werken is er een constante schoonmaak van je vervuilingen en van onrealistisch denken. Uiteindelijk wordt het steeds overbodiger om dingen om buiten jezelf te zoeken. Boeken  vertellen allemaal dezelfde dingen, alle brieven zijn al geschreven, je hebt alle bloemen water gegeven, je kunt niets anders doen dan naar binnen naar jezelf te kijken. Omdat je dit keer op keer doet, vindt er een verandering plaats. Het kan langzaam gaan, maar als je hier al zoveel levens bent geweest, wat is dan een dag, een maand, een jaar, tien jaar? Ze gebeuren gewoon allemaal.

Je hoeft niets anders te doen en je hoeft nergens anders heen. De aarde beweegt zich in een cirkel, het leven gaat van geboorte tot dood, zonder dat je daarvoor iets hoeft te doen. Het gebeurt allemaal zonder onze hulp. Het enige dat we moeten doen, is realistisch te zijn. Als we dat zijn, zullen we merken dat het een natuurlijk resultaat oplevert, dat we onszelf gaan liefhebben en van anderen gaan houden. Omdat we ons bezighouden met de werkelijkheid. En dat is het echte werk van het hart – lief te hebben. Maar alleen als we ook de andere kant van deze medaille in onszelf hebben gezien, en aan onze zuivering hebben gewerkt. Dan is het niet langer een poging of een bewuste inspanning, maar dan wordt het een natuurlijke uitdrukking van onze innerlijke gevoelens. Naar binnen gericht, maar naar buiten stralend.

Deze binnenwaartse gerichtheid is een belangrijk aspect van ons contemplatieve leven. Wat er innerlijk gebeurt heeft directe gevolgen voor wat zich naar buiten toe afspeelt. Het innerlijke licht en de zuiverheid kunnen niet worden verborgen, noch worden bezoedeld.

Soms denken we dat we iemand kunnen uitbeelden die we niet zijn. Dat is niet mogelijk. De Boeddha zei dat je iemand pas kent nadat je hem vele keren hebt horen spreken en al heel lang bij hem hebt gewoond. Mensen proberen zich vaak beter voor te doen dan ze in werkelijkheid zijn. Dan worden ze natuurlijk teleurgesteld als ze daarmee falen en worden ze net zo teleurgesteld over anderen.

Jezelf waarheidsgetrouw kennen maakt het mogelijk om echt lief te hebben. Dat gevoel geeft luchtigheid aan het bestaan -ons leven- waarmee we bezig zijn. Door onszelf en anderen te accepteren zoals we werkelijk zijn, wordt ons werk van zuivering en het opruimen van verontreinigingen veel gemakkelijker.

  • Toelichting op Vipassana door de vertaler:

Vipassana is een van de twee meditatietechnieken die de Boeddha onderwees. Het is een onderdeel van het Edele Achtvoudige Pad. De techniek wordt uitgelegd in de Maha Satipatthana Sutta. Vipassana is een vorm van inzichtmeditatie; een eenvoudige, praktische techniek die een universele remedie voor universele problemen biedt. De techniek is volgens aanhangers in Myanmar in haar oorspronkelijke en pure vorm bewaard gebleven, en is gebaseerd op de geschriften van het Pali Canon van het theravada boeddhisme. Het woord Vipassana (pali) betekent: helder inzicht, de dingen zien zoals ze werkelijk zijn. Dit heeft betrekking op een diep penetrerend inzicht in de natuur van het bestaan, zoals door de Boeddha onderwezen werd in de leer van de drie karakteristieken.

Bron

Vertaling: Hansjelle Dijkstra

Jezelf waarheidsgetrouw kennen maakt het mogelijk om echt lief te hebben

Over de auteur

Gastauteurs

› Lees meer over Gastauteurs