…voor inspiratie, levenswijsheid en bezinning

Posts Tagged ‘Pema Chödrön’

Jezelf kennen is jezelf vergeten door Pema Chödrön

Volgens Pema Chödrön zouden we kunnen denken dat onszelf kennen iets heel egocentrisch is, maar door helder en eerlijk naar onszelf te kijken, beginnen we de muren af te breken die ons van anderen scheiden.

De reis van ontwaken vindt precies op de plek plaats waar we ons niet op ons gemak kunnen voelen. Openstaan ​​voor ongemak is de basis voor het veranderen van onze zogenaamde ‘negatieve’ gevoelens. We willen op de een of andere manier onze ongemakkelijke gevoelens kwijtraken door ze te rechtvaardigen of door ze te onderdrukken, maar het blijkt dat dit hetzelfde is als het kind met het badwater weggooien. Volgens de leer van het vajrayana, of het tantrisch, boeddhisme, zijn onze wijsheid en onze verwarring zo met elkaar verweven dat het geen oplosssing is om dingen gewoon weg te gooien.

Door te proberen ‘negativiteit’ kwijt te raken door het uit te bannen, door het te voorzien van het label ‘slecht’, gooien we ook onze wijsheid weg, omdat alles in ons creatieve energie is – vooral onze krachtige emoties. Ze zijn gevuld met levenskracht.

Er is op zich niets mis met negativiteit; het probleem is dat we het nooit zien, we eren het nooit, we kijken nooit in het hart ervan. We proeven onze negativiteit niet, ruiken er niet aan, leren het niet kennen. In plaats daarvan proberen we er altijd om er vanaf te komen door iemand een klap te verkopen, iemand te belasteren, onszelf te straffen of onze gevoelens te onderdrukken. Tussen repressie en alles naar buiten gooien zit echter iets verstandigs, diepgaands en tijdloos.

Als we gewoon proberen om van negatieve gevoelens af te komen, realiseren we ons niet dat die gevoelens juist wijsheid bevatten. De verandering komt voort uit de bereidheid om het gevoel toe te laten, de innerlijke woorden los te laten, en de rechtvaardiging los te laten. We hoeven geen oplossing te hebben. We kunnen leven met een dissonante toon; we hoeven niet de volgende toets in te drukken om het deuntje te beëindigen.

Vreemd genoeg is deze transmutatiereis er een van enorme vreugde. We zoeken vreugde meestal op de verkeerde plaatsen door te proberen om grote delen van onze menselijke conditie te vermijden. We zoeken geluk door  datgene wat ons tot mens maakt juist als onaanvaardbaar te beschouwen. We voelen dat er iets in onszelf moet veranderen. Onvoorwaardelijke vreugde ontstaat echter door een soort intelligentie waarin we onszelf toestaan ​​om duidelijk te zien wat we doen, met eerlijkheid, gecombineerd met een enorme vriendelijkheid en zachtaardigheid. Deze combinatie van eerlijkheid, of helder zien, en vriendelijkheid, is de essentie van “maitri” – onvoorwaardelijke vriendschap met onszelf.

Dit is een proces van voortdurend onbekend terrein betreden. Je staat het jezelf toe om het onbekende gebied van je eigen wezen te leren kennen. Dan realiseer je je dat dit specifieke avontuur je niet alleen in je eigen wezen brengt, maar je ook meeneemt naar het hele universum. Pas als je vriendschap met jezelf hebt gesloten, kan je het onbekende ingaan. Je kunt die gebieden “daarbuiten” alleen betreden door te beginnen met het verkennen en nieuwsgierig te zijn naar dit onbekende “hierbinnen”, in jezelf.

Dogen Zen-ji zei: “Jezelf kennen is jezelf vergeten.” We zouden kunnen denken dat onszelf kennen iets heel egocentrisch is, maar door zo duidelijk en zo eerlijk naar onszelf te kijken – naar onze emoties, naar onze gedachten, naar wie we werkelijk zijn – beginnen we de muren die ons scheiden tussen ons en de anderen af te breken. Op de een of andere manier bestaan ​​al deze muren, deze manieren om je gescheiden te voelen van al het andere en van alle anderen, uit opvattingen. Ze bestaan ​​uit dogma’s en ze zijn gemaakt van vooroordelen. Deze muren komen voort uit onze angst om delen van onszelf te kennen.

Er is een Tibetaanse leer die vaak wordt vertaald als “Zelf-koestering is de wortel van al het lijden.” Het kan voor een westerling moeilijk zijn om de term “zelfkoestering” te horen zonder verkeerd te begrijpen wat er wordt bedoeld. Ik vermoed dat 85% van ons westerlingen het zou interpreteren als dat we ons niet teveel op onszelf moeten richten – dat er iets anti-waakzaam is aan het respecteren van onszelf. Maar dat is niet wat het werkelijk betekent. Waar het over gaat, is fixeren. “Zelf koesteren” verwijst naar hoe we proberen om onszelf te beschermen door ons te fixeren; hoe we muren hebben opgetrokken, zodat we geen ongemak te ervaren of een gebrek aan innerlijke richting. Het idee van zelf koesteren verwijst naar de verkeerde overtuiging dat er alleen troost en geen ongemak mag zijn, of de overtuiging dat er alleen geluk en geen verdriet kan zijn, of de overtuiging dat er alleen het goede zonder het slechte zal zijn.

Maar wat de boeddhistische leringen aangeven, is dat we een veel groter perspectief kunnen hebben, een perspectief dat verder gaat dan goed en kwaad. Classificaties van goed en slecht komen voort uit een gebrek aan maitri. We zeggen dat iets goed is als we ons er zeker over voelen en dat het slecht is als we ons er onzeker over voelen. Op die manier gaan we mensen uit de weg die ons een onzeker gevoel geven en dat geldt ook voor allerlei religies of nationaliteiten waardoor we ons onzeker voelen. En we houden van degenen die ons grond onder onze voeten geven.

Als we zo onszelf beschermen, kunnen we de pijn van een ander niet zien. “Zelf-koesteren” is ego fixeren en grijpen: het legt onze harten, onze schouders, ons hoofd, onze maag, in een knoop. We kunnen niet openen. Alles zit in een knoop. Als we beginnen te openen, kunnen we anderen zien en kunnen we er voor hen zijn. Maar als we niet met onze eigen angst hebben gewerkt, zullen we ons afsluiten als anderen onze angst activeren.

Dus jezelf kennen is jezelf vergeten. Dit wil zeggen dat wanneer we vriendschap sluiten met onszelf, we niet langer zo betrokken hoeven te zijn bij onszelf. Het is een merkwaardige draai: vrienden maken met onszelf is een manier om niet meer zo zelf-betrokken te zijn. Dogen Zen-ji gaat verder met te zeggen: “Jezelf vergeten is verlicht worden door alle dingen.” Als we niet zo betrokken zijn bij onszelf, beginnen we te beseffen dat de wereld de hele tijd tot ons spreekt. Elke plant, elke boom, elk dier, elk mens, elke auto, elk vliegtuig spreekt tot ons, leert ons, maakt ons wakker. We leven in een wonderbaarlijke wereld, maar we zien dat vaak niet. Het is alsof we de voorfilm zien, maar nooit de hoofdfilm.

Als we ons boos of veroordelend voelen, doet het ons pijn en doet het anderen pijn. Maar als we ernaar kijken, kunnen we zien dat er achter de wrok angst zit en achter de angst een enorme zachtheid. Je hebt een heel groot hart en een enorme geest en een heel wakkere, basale staat van zijn. Om dit te ervaren beginnen we met een reis te maken, de reis van onvoorwaardelijke vriendelijkheid naar het zelf dat we al zijn.

Over Pema Chödrön

Met haar krachtige leringen, gigantische boekenverkoop en retraites die door duizenden worden bijgewoond, is Pema Chödrön de populairste in Amerika geboren boeddhistische leraar. In The Wisdom of No Escape, The Places that Scare You en in andere belangrijke boeken heeft ze ons geholpen om te ontdekken hoe moeilijkheden en onzekerheid kansen kunnen zijn om te ontwaken. Ze is inwonend leraar in het klooster van Gampo Abbey in Nova Scotia, en is een leerling van Dzigar Kongtrul, Sakyong Mipham Rinpoche en wijlen Chögyam Trungpa. Bezoek pemachodronfoundation.org. voor meer informatie. 

Vertaling: Hansjelle Dijkstra

Zes soorten eenzaamheid door Pema Chödrön

Leven zonder referentiepunt is de ultieme eenzaamheid. Je kunt dat ook verlichting noemen.

Als je voor de Middenweg kiest vind je daar geen referentiepunt. Je geest zonder referentiepunt legt niets vast, haalt niets naar zich toe. Hoe kunnen we het zonder referentiepunt stellen? Geen referentiepunt hebben zou kunnen betekenen dat je je diepgewortelde gebruikelijke reactie op de wereld verandert: dat je alles op de een of andere manier betekenis wil laten hebben voor jou. Als ik niet linksaf of rechtsaf kan afslaan ga ik dood! Als we niet linksaf of rechtsaf kunnen gaan voelt dat alsof we in een ontgiftingscentrum zijn beland. We zijn alléén, ‘cold turkey’, met alle scherpe kantjes en angst die we probeerden te vermijden door linksaf of rechtsaf af te slaan. En die ongerustheid en angst kan behoorlijk zwaar op ons drukken.

Echter, het jaar in jaar uit links- of rechtsaf afslaan, het kiezen voor ja of nee, het goed of fout doen, heeft nog nooit tot echte verandering geleid. De jacht op zekerheid heeft nooit meer opgeleverd dan wat tijdelijke vreugde. Het is zoiets als het aannemen van een andere zithouding tijdens je meditatie. Onze benen doen pijn door de kleermakerszit, dus ga je ze bewegen. En dan denken we “Pfff! Wat een opluchting!” Maar tweeënhalve minuut later willen we ze weer bewegen. We blijven ons inspannen op zoek naar plezier, naar gemak. En de voldoening die dat ons brengt is van zeer korte duur.

Het proces van loslaten vergt een enorme moed omdat we daarmee fundamenteel de manier waarop we naar de werkelijkheid kijken veranderen. Zoiets als het veranderen van ons DNA. We maken een patroon ongedaan dat niet alleen ons patroon is. Het is het menselijk patroon van ons allemaal.

We horen veel over de pijn van samsara, en we horen ook over bevrijding. Maar we horen weinig over hoe pijnlijk het is om de overgang door te maken van volledig vasthouden naar loslaten. Het proces van loslaten vergt een enorme moed omdat we daarmee fundamenteel de manier waarop we naar de werkelijkheid kijken veranderen. Zoiets als het veranderen van ons DNA. We maken een patroon ongedaan dat niet alleen ons patroon is. Het is het menselijk patroon van ons allemaal: we projecteren een ontelbaar aantal mogelijkheden op de wereld om tot een oplossing te komen.  We kunnen onze tanden witter willen maken, een grasveld onkruidvrij, een leven zonder ruzies, een wereld zonder schaamte. We kunnen lang en gelukkig willen leven. Deze patronen houden ons ontevreden en veroorzaakt veel lijden.

Ons geboorterecht: de Middenweg

Vertaler: De Middenweg is in het boeddhisme de weg die leidt tot verlichting, en die het midden houdt tussen enerzijds fysieke en emotionele genotzucht en anderzijds extreem ascetisme (dat net zo destructief is). Een belangrijk aspect van de Middenweg is: het op de juiste manier aandacht geven aan wat zich in het heden manifesteert.

Wij mensen zoeken niet alleen voor alles een oplossing, we hebben ook het gevoel dat we oplossingen verdienen.  We verdienen niet alleen een oplossing, we verdienen nog iets beters dan dat. We verdienen ons geboorterecht, en dat is de Middenweg; een open geestesgesteldheid die kan leven met paradoxen en dubbelzinnigheden. Als we proberen om onzekerheden te vermijden zullen we te maken krijgen met terugtrekken -terugtrekking door altijd maar te denken, en dat er een probleem is, en dat er ergens iemand is die dat voor ons moet oplossen.

De Middenweg stimuleert ons om de moed in te zetten die in ieder van ons zonder uitzondering, ook in jou en mij, aanwezig is.

De Middenweg staat wagenwijd open, maar is moeilijk te bewandelen omdat die tegen de stroom in gaat van een eeuwenoud neurotisch patroon dat we allemaal met elkaar gemeen hebben. Als we ons eenzaam of hopeloos voelen willen we rechts- of linksaf slaan. We willen er niet rustig voor gaan zitten om te voelen wat we voelen. We willen niet dwars door het schoonmaakproces heengaan. En toch moedigt de middenweg ons aan om precies dàt aan te gaan. De Middenweg stimuleert ons om de dapperheid in te zetten die in ieder van ons zonder uitzondering, ook in jou en mij, aanwezig is.

Meditatie biedt ons een manier om het bewandelen van de Middenweg te beoefenen – om daar te zijn waar je bent. We worden aangemoedigd om niets dat in onze geest opkomt te beoordelen. Wat we gewend zijn te beoordelen als goed of slecht zetten we van ons af als ‘gedachten’, zonder in  de gebruikelijke classificaties te vervallen die daarbij horen. We hebben opdracht gekregen om gedachten te laten komen en gaan alsof het luchtbellen zijn, of veertjes. Deze onbetwistbare discipline bereidt ons erop voor om het strijden op te geven, en een verfrissende, onbevooroordeelde staat van zijn te bereiken.

Sommige gevoelens kunnen een nadrukkelijk verlangen met zich meebrengen naar oplossingen voor eenzaamheid, verveling en angst. Als we ons bij deze emoties niet kunnen ontspannen is het erg moeilijk om in het midden te blijven. We willen een overwinning of nederlaag, welslagen of schuld. Bijvoorbeeld: als iemand ons in de steek laat, willen we niet bij dat onbehaaglijke ongemak stilstaan. In plaats daarvan zien we onszelf liever als ongelukkig slachtoffer. Misschien gaan we het ongemak te lijf door degene die ons dit aandeed erop aan te spreken over hoe verward hij of zij is. We willen de pijn op de een of andere manier automatisch op de een of andere manier bedekken door ons te identificeren met een overwinning of slachtofferschap.

Als we in het midden kunnen rusten, beginnen we een niet-bedreigende verkoelende relatie te krijgen met eenzaamheid, een ontspannen en berustende eenzaamheid die onze gebruikelijke angstaanjagende patronen volkomen op zijn kop zet.

Meestal beschouwen we eenzaamheid als een vijand. Hartzeer is niet iets dat we verwelkomen. Eenzaamheid maakt rusteloos, met een brandend verlangen om daar aan te ontsnappen, en om iets of iemand te vinden om ons gezelschap te houden. Als we in het midden kunnen rusten, beginnen we een niet-bedreigende relatie te krijgen met eenzaamheid, een ontspannen en berustende eenzaamheid die onze gebruikelijke angstaanjagende patronen volkomen op zijn kop zet.

Er zijn zes manieren om dit soort eenzaamheid te beschrijven. Dat zijn: minder verlangen, tevredenheid, onnodige activiteit vermijden, absolute discipline, niet dwalen in een wereld van verlangen, en geen zekerheid proberen te vinden in warrige redeneringen.

Minder verlangen

Minder verlangen is de bereidheid om eenzaam te zijn zonder oplossing, als alles in ons naar iets smacht, iets dat ons opvrolijkt en onze stemming moet veranderen. Het beoefenen van dit soort eenzaamheid is een manier om zaden te planten zodat onze rusteloosheid minder wordt.. Als we bijvoorbeeld in onze meditatie elke keer als we iets denken dat eenvoudig bestempelen als ‘denken’, in plaats van in een eindeloze gedachtenbrij terecht te komen, dan oefenen we ons in het hier zijn zonder dissociatie. Nadat we minder gaan verlangen met heel ons wezen, en dit consequent in praktijk hebben gebracht, verandert er iets. We voelen minder verlangen in de zin dat we minder gevangen zitten in onze Zeer Belangrijke Overtuigingen. Dus zelfs als we ons volslagen eenzaam voelen en als we 1,6 seconden lang volledig met die rusteloosheid verblijven terwijl we dat gisteren zelfs niet gedurende één seconde konden, dan gaan we de weg van de krijger. Het pas van moedig zijn. Hoe minder we in kringetjes ronddraaien, en daar gek van worden, hoe meer we de voldoening proeven van ‘koele eenzaamheid’. Zoals de zenmeester Katagari Roshi vaak zei, “Je kunt eenzaam zijn zonder jezelf erin te verliezen”.

Katagiri Roshi

Zoals de zenmeester Katagari Roshi vaak zei, “Je kunt eenzaam zijn zonder jezelf erin te verliezen”.

Tevredenheid

De tweede soort eenzaamheid is tevredenheid. Als we niets bezitten hebben we ook niets te verliezen. We hebben niets te verliezen, maar we zijn geprogrammeerd om diep van binnen het gevoel te hebben dat we juist heel veel te verliezen hebben. Ons gevoel dat we veel te verliezen hebben is geworteld in angst -voor eenzaamheid of verandering. Of voor dingen die niet veranderd kunnen worden, of voor niet-bestaan. We hopen dat we dit gevoel kunnen vermijden, en we vrezen dat we niet kunnen worden we wie willen zijn.

Als we op een vel papier in het midden een verticale lijn trekken van boven naar beneden, weten we wie we zijn als we ons rechts van die lijn bevinden en wie we zijn aan de linkerkant. Maar we weten niet wie we zijn als we ons zowel rechts als links bevinden. Dan weten we gewoon niet wat te doen. We hebben dan geen referentiepunt, geen hand om vast te houden. In die situatie kunnen we ofwel in paniek raken, of juist tot rust komen.

Tevredenheid is een synoniem voor eenzaamheid, koele eenzaamheid, tot rust komen in koele eenzaamheid. We geven het geloof op dat het ontsnappen aan onze eenzaamheid ons blijvend geluk zal brengen, vreugde, welbevinden of kracht. Meestal zullen we dit geloof miljarden keren moeten opgeven: steeds opnieuw nieuwe vrienden willen maken, vanwege onze gespannenheid en angst, terwijl we ons oude patroon willens en wetens miljarden keren herhalen. Dan, zonder dat we het in de gaten hebben, begint er iets te verschuiven. Dan kunnen we gewoon eenzaam zijn zonder alternatieven, precies daar tevreden te zijn met wie je bent, met je stemming en de omstandigheden waarin je je bevindt.

Dan kunnen we gewoon eenzaam zijn zonder alternatieven, precies daar tevreden te zijn met wie je bent, met je stemming en de omstandigheden waarin je je bevindt.

Onnodige activiteit vermijden

De derde vorm van eenzaamheid is het vermijden van onnodige activiteiten. Als we op een “heftige” manier eenzaam zijn, gaan we op zoek naar iets dat ons kan redden; we zoeken naar een uitweg. We krijgen het misselijkmakende gevoel dat we eenzaamheid noemen, en onze geest gaat op een heftige manier proberen om gezelschap te vinden om van onze wanhoop af te komen. Dat is overbodige activiteit. Het is een manier om onszelf bezig te houden om geen pijn meer te hoeven voelen. Dit kan de vorm aannemen van obsessief dagdromen, van ware romantiek, of ons verlekkeren aan de roddels van bepaalde tv programma’s. Of zelfs door in je eentje de wildernis in te gaan.

Waar het om gaat is dat we in dergelijke activiteiten gezelschap zoeken op de manier waarop we dat gewend zijn, waarbij we gebruik maken van dezelfde oude zich herhalende manieren om afstand te creëren tot de kwade geest van eenzaamheid. Kunnen we er gewoon rustig voor gaan zitten en een beetje compassie en respect voor onszelf hebben? Kunnen we stoppen met het proberen om te ontsnappen om alleen-met-onszelf te zijn? Hoe zit het met het oefenen van niet op te springen en om ons heen te grijpen als paniek zich van ons meester maakt? Je ontspannen in eenzaamheid is een waardige bezigheid. Zoals de Japanse dichter Ryokan zegt, “Als je de betekenis wilt vinden, stop dan met het najagen van zoveel dingen”.

Als je de betekenis wilt vinden, stop dan met het najagen van zoveel dingen.

Absolute discipline

Absolute discipline is een ander ingrediënt van koele eenzaamheid. Absolute discipline betekent dat we onder alle omstandigheden bereid zijn om terug te keren, gewoon zachtjes terugkeren naar het huidige moment. Dat is eenzaamheid in een absolute vorm. We zijn bereid om stil te zitten, er alleen maar te zijn, alleen. We hoeven deze vorm van eenzaamheid niet te cultiveren; we zouden lang genoeg stil kunnen zitten om ons te realiseren hoe de dingen werkelijk zijn. We zijn fundamenteel alleen, en er is nergens iets om je aan vast te houden. Bovendien is dit geen probleem. Sterker nog, dit stelt ons in staat om een totale natuurlijke staat van zijn te ervaren. Onze gebruikelijke aannames -al onze ideeën over hoe alles in elkaar zit- houden ons ver verwijderd van het op een frisse open manier kijken naar de dingen.

We zeggen “Ja hoor, natuurlijk weet ik dat al.” Maar dat weten we niet. Als het erop aan komt weten we niets. Niets is helemaal zeker. Deze kardinale waarheid maakt ons angstig, en daar willen we van weglopen. Maar terugkeren en ons te ontspannen in iets dat ons zo vertrouwd is als eenzaamheid, is de juiste discipline om ons de diepgang, en de onopgeloste momenten in ons leven, te realiseren. We belazeren onszelf als we weglopen van de dubbelzinnigheid van eenzaamheid.

Niet dwalen in een wereld van verlangen

Niet dwalen in een wereld van verlangen is een andere manier om koele eenzaamheid te beschrijven. Dwalen in een wereld van verlangen is zoeken naar alternatieven, op zoek naar iets om onszelf mee te troosten -eten, drinken, mensen. Het woord verlangen houdt verslaving in, de manier waarop we naar iets grijpen omdat we een manier willen vinden om de dingen naar je hand te zetten. Dat kan zo zijn als je nooit echt volwassen bent geworden.

We willen nog steeds terug naar huis om de koelkast te kunnen openen die volgepakt is met dingen die we lekker vinden. En als het moeilijk wordt willen we “mamma” roepen. Maar als we op dit pad vorderingen maken gaan we het huis verlaten en accepteren we dakloos te worden. Niet dwalen in een wereld van verlangen gaat over het rechtstreeks aangaan van een verbintenis met hoe de dingen werkelijk zijn. Eenzaamheid is geen probleem. Eenzaamheid is niet iets dat moet worden opgelost. Hetzelfde geldt voor elke andere ervaring die we hebben.

Geen veiligheid zoeken in je discursieve gedachten

Een ander aspect van koele eenzaamheid is het niet zoeken naar de veiligheid van je discursieve gedachten. (Vertaler: discursieve gedachten zijn gedachten die stap voor stap van de ene gedachte naar de andere springen). Het kleed is onder je vandaan getrokken; er is geen manier om hier uit te komen! We zoeken zelfs niet meer het gezelschap van ons constant durende gesprek met onszelf over hoe het zou of niet zou moeten zijn, hoe iets is of niet is, of iets kan of niet kan. Met koele eenzaamheid verwachten we geen veiligheid van ons interne gebabbel. Daarom hebben ze ons, toen we leerden mediteren, opgedragen om dit te voorzien van het etiket “denken”. Het heeft geen objectieve werkelijkheid. Het is transparant en ongrijpbaar. We worden aangemoedigd om dat geroezemoes aan te raken en weer los te laten. Om niet te veel ophef te maken over niets.

Koele eenzaamheid stelt ons in staat om eerlijk en zonder agressie naar onze eigen geest te kijken. We kunnen geleidelijk onze idealen laten vallen over wie we denken dat we zouden moeten zijn. Of waarvan we denken dat andere mensen willen hoe we zouden moeten zijn. We geven het op en kijken rechtstreeks met compassie en humor naar wie we zijn. Dan is eenzaamheid geen bedreiging, geen verdriet en geen straf.

We kunnen geleidelijk onze idealen laten vallen over wie we denken dat we zouden moeten zijn. Of waarvan we denken dat andere mensen willen hoe we zouden moeten zijn.

Koele eenzaamheid voorziet niet in oplossingen. Het geeft ons geen grond onder de voeten. We worden uitgedaagd om een wereld zonder referentiepunten binnen te stappen, zonder tegenstellingen, zonder te verharden. Dit wordt de Middenweg of het heilige pad van de krijger genoemd.

Als je ’s morgens wakker wordt en je uit het niets wordt overvallen door hartzeer, vervreemding en eenzaamheid, kan je dat dan voortaan gaan gebruiken als een gouden kans? In plaats van zelfverwijten te maken, of het gevoel toe te laten dat er iets vreselijk misgaat, precies op dat moment van verdriet en verlangen, kan je je dan ontspannen en de grenzeloze ruimte aanraken van het menselijk hart? Probeer de volgende keer als dit je gebeurt ermee te experimenteren. 

 

Over de schrijfster, Pema Chödrön

Met haar krachtige onderricht, bestseller-boeken en retraites die door duizenden worden bijgewoond, is Pema Chödrön de populairste leraar van het boeddhisme in Amerika. ‘In The Wisdom of No Escape’, ‘The Places that Scare You’, en andere belangrijke boeken, heeft ze ons geholpen om te ontdekken hoe moeilijkheden en onzekerheden kansen voor ons ‘ontwaken’ kunnen zijn. Ze is gastdocent in het Gampo Abbey-klooster in Nova Scotia en is leerling van Dzigar Kongtrul, Sakyong Mipham Rinpoche en wijlen Chögyam Trungpa. Bezoek voor meer informatie haar website op https://pemachodronfoundation.org/

Bron

Vertaling: Hansjelle Dijkstra