…voor inspiratie, levenswijsheid en bezinning

Archive for the ‘Artikel’ Category

Volle bloed maan en maansverduistering 27 juli 2018 in waterman

Het wordt een zeer bijzondere maansverduistering omdat het ook een bloedmaan is. De verduistering zal zichtbaar zijn zowel vanuit Nederland als vanuit België en het blijkt de langste maansverduistering te zijn van deze eeuw. Maar heel bijzonder wordt het als je naar het uur kijkt, de volle maan bereikt namelijk haar volheid op exact 22;22u

Het getal 22

Het is een meestergetal, verbonden met wilskracht, moed en het vormgeven in de materie (het scheppen). Om te scheppen heb je inderdaad een duidelijke wens nodig waarop jij de kracht van je wil richt. Je hebt discipline nodig om moed te houden en je hebt creativiteit nodig om groots te denken. Het getal 22 is het getal van meesterschap door evenwicht en harmonie. Twee= ziel en mind werken samen en vinden hun spiegelbeeld terug in de materie. Dit is de essentie van schepping. Het getal 22:22 verwijst naar een bewust scheppen want je weet dat wat je nu schept, de structuur is voor morgen.

Verduistering op 22

De uitdaging van deze verduistering ligt in het blootleggen van je minderwaardigheidscomplexen. De bloedmaan wil dat je je bewust bent van hoe jij jezelf opoffert vanuit minderwaarheidswaanzin. Jij, iedereen, is van jongsaf aan meesterlijk in het pogen hetzelf minder waardig te maken.

Deze maan benadrukt met het dubbele meestergetal 22 dat het tijd is om BEWUST te leren leven in de 4de dimensie. De 4de dimensie of de dimensie van het hart, is een nog onbegrepen concept. De 3de dimensie was het verhaal van angst en gebrek, de 4de dimensie leert je dat materie enkel kan bestaan vanuit antimaterie (gedachten en wilskracht) Binnen de 4de dimensie leer je te handelen vanuit je hart in plaats vanuit angst en gebrek. Wat je nu mag leren begrijpen is dat de materie zich voegt naar jou , terwijl in de 3de dimensie de mens zich voegde naar de materie. Jouw scheppend denken is de kracht die de materie vormgeeft.

Kijk eens bij jezelf hoe jij jezelf offert? Wat is je excuus om niet te doen wat je graag zou willen doen, om niet te doen waar je gevoel je toe oproept? Welke drijfveer heb jij om uit je eigen verhaal te stappen en de ander op de eerste plaats te stellen? Welke excuus houdt je geketend aan angst en onzekerheid?

Bloed maan, verduistert in waterman

De rode gloed krijgt de maan omdat ze nog indirect zonlicht oppikt. Symbolisch toont ze je dat je ego je laat bloeden. Je ego laat je dingen van jezelf offeren. En met de zon in leeuw, wordt het klaar en duidelijk dat je jezelf opoffert vanuit drama. Leeuwen die uit balans zijn , zijn één en al dramatiek en drama. De zon in leeuw toont dat we ons meesterschap offeren op het altaar van drama.

Waterman energie draait rond vrijheid, humaniteit en het handelen vanuit en voor het hoogste goed. De verduistering schept de ideale baarmoeder om ongestoord bewust te worden van je ego en hoe jij je eigen vrijheid en handelen voor het hoogste goed, opoffert voor een valse vorm van zekerheid en controle.

Neem je tijd om bij jezelf na te gaan hoe:

  • – eerlijk en trouw jij bent aan je eigen gevoel en via welke excuses jij jezelf laat bloeden (opoffert)
  • – flexibel, origineel en vindingrijk jij bent en onder welke plichten en vormen van controle jij jezelf verstart en verstikt
  • – onafhankelijk en slim jij bent en waarom jij je nog afhankelijk maakt van iets buiten jezelf
  • De waterman energie heeft een sterke wil en overtuiging, vanuit de eigen waarheid. Maar is eerlijk en sterk genoeg om de mening bij te sturen als blijkt dat de visie tekort schoot.

Hoe sterk sta jij al in je eigen schoenen? Moet jij nog je visie verdedigen of voel je je al vrij en krachtig genoeg om, je ego los te laten en om te groeien vanuit de wisselwerking met de ander.

Waterman en originaliteit

Hoe kan je origineel zijn? Dat doe je door je gevoel te volgen. Je gevoel is altijd glashelder maar wordt opgeofferd ten voordele van logica en ratio. Logica is altijd oude koek, het verleden. De waterman wil je leren stromen, en net als water de gemakkelijkste weg te kiezen. Als je leert leven en handelen (je mannetje staan) vanuit je gevoel (water is het symbool voor gevoel) dan kom je in de waterman energie. Zoals je ziet laat de waterman het water van hoog naar beneden stromen wat verwijst naar het feit dat je gevoel verbonden is het hoger, je ziel. Je ziel communiceert met jou via je lichaam door je te laten voelen wat voor JOU juist en goed voelt. Dus wat voor jou goed voelt kan voor mij juist omgekeerd zijn.

De zon werpt haar licht op de maan, vanuit de overzijde in leeuw. Zon in leeuw, het schitteren via drama en tranendal wordt hier in balans gebracht met het leven vanuit vrijheid en zijn. Kijk eens welke drama’s jij nog voedt in je leven? Kijk eens hoe jij jezelf interessant probeert te maken met pijn en lijden.

Leeuw uit balans leeft vanuit emoties in plaats van uit gevoel. Waterman wil je leren uit de verslaving van je emoties te stappen en je leven veel eenvoudiger te maken. Voelen is : dat voelt goed en geeft me energie of niet = doodeenvoudig een ja of nee. Emoties, beslaan een heel scala aan drama bijv. mijn man/ vader is een narcist of ik ben een betweter en moet mijn leven beteren of ja maar ik ben ziek en kan niet…..Hoe zou je leven eruitzien zonder al deze drama’s? Ben je bang dat je leven dan saai wordt? Kan jij je inbeelden dat je vrij bent om te proeven en te experimenteren?

Aan jou nu de keus of je jezelf blijft offeren op het altaar van emoties en drama of je eindelijk wil kiezen voor vrijheid en het leven en handelen voor je eigen hoogste goed. Als je leert handelen voor je eigen hoogste goed, betekent dat automatisch dat jij ook op die manier met de ander zal omgaan. Houden van jezelf is automatisch houden van de ander 22 jij en ik zijn dezelfde. Jij en ik zijn zowel hemel als aarde en samen vormen we de materie 2+2= 4 het cijfer van de materie en 4de dimensie.

Mars retrograde conjunct met de maan

Tot 28 aug loopt mars retrograde en  zorgt voor een zeker ingetogenheid. Wat nodig zal zijn want je zal nu in situaties gebracht worden waarbij jij zal menen te ervaren, dat jij jezelf niet krachtig en direct mag uiten. Wees je ervan bewust dat dit een denkbeeld is. Bekijk de dingen neutraal zonder oordeel en je zal merken dat je ervaring of beleving veranderd. Je oude patroon van zelfsabotage wil de kosmos nu blootleggen. Veel kans dat je nu uitgedaagd zal worden om voor jezelf op te komen, vanuit een eerlijk en authentiek stem te geven aan jezelf. Het is je recht en taak om jezelf krachtig en direct te uiten vanuit je gevoel.

Je kan overweldigt worden door twijfel en dit alles omdat je zou leren eerst te voelen in plaats van eerst na te denken. Mars laat je handelen asap aansluiten op je gevoel, het spontaan en authentiek reageren. Maar dankzij de retrograde stand, zal dit gebeuren vanuit een spontane macht (je ziel) ipv uit onmacht.

Merk je dat je er nu heel veel twijfels en frustraties naar boven komen , maak het jezelf dan gemakkelijk. Stel jezelf volgende vraag: “ Wat schenkt me vrijheid? Ik hoop dat je al ontdekt hebt dat enkel geluk je vrijheid schenkt. Maar wat is geluk? Je goed voelen. Wat is je goed voelen? Je vervult weten van levensvreugde.

Nu dit zo duidelijk is, wordt het heel eenvoudig om je twijfels op te lossen. Doe wat je vreugde en energie oplevert en je twijfels verdwijnen als sneeuw voor de zon. Hoe ontdek je wat je vreugde en energie oplevert? Tja door te voelen hé en voelen is heel simpel, voelt goed of niet = zwart of wit.

Wonen en goed in je vel zitten

Met de vorige nieuwe maan in kreeft werden er zaadjes gepland en twijfels uitvergroot inzake gezin en wonen. Dat proces komt nu naar een punt waarop je geconfronteerd wordt met het eindelijk durven in alle vrijheid voor jezelf te wensen wat je echt wil hebben.

Maan staat nu ook dicht bij de zwarte maan, waardoor je blinde vlekken (je eigen drama) voelbaar worden. Maan maakt een uitdagend aspect met uranus dus je blinde vlekken kunnen je krachtig overvallen. Je zal zeker ruim de kans krijgen om ermee in contact te komen maar dit betekend dat je uit je valse comfortzone zal worden gekegeld. Met andere woorden, je krijgt hier een prachtige kans om uit te breken, het persoonlijke drama los te laten en om in alle vrijheid ja te zeggen tegen je ziel.

Probeer mee te werken want dit hele proces zal zeer belangrijk zijn naar je toekomst toe, omdat de zon conjuct staat met de noordelijke maansknoop (jouw lotsbestemming). En aangezien dat in leeuw is, verwijst het naar het feit dat jij nu de koning of centrum van je eigen leven mag worden. De as maan waterman-zon leeuw = Vrij om je hoger zelf gestalte te geven of te kronen tot koning.

Venus conjunct vertex 7de huis

Het is belangrijk om voor jezelf nu uit te maken wat je een goed gevoel geeft en wat bij jou past en wat niet. Wanneer je leert terug dichter bij jezelf te gaan leven, zal dat automatisch zijn impact hebben om relaties. Relaties zullen veel meer aanvullend en voedend worden. Tweeling zielen zullen hierdoor in staat gesteld worden om samen te komen. De vertex staat voor het bewustworden van jezelf. Samen met venus gaat het hier over eigenliefde en het handelen vanuit liefde naar jezelf.

De leeuwenpoort op 8-8

Deze zal ervoor zorgen dat ego en drama (de oude overlevingspatronen) het moeilijker en moeilijker zullen krijgen. Nieuwe codes van zelfbevrijding en vernieuwing worden dan weer collectief ingebracht. Andere vormen van samenleving vanuit broederschap (de waterman invloed) en vanuit het eigen bewustzijn zullen versterkt worden.

Isabelle Lambrecht

12 juweeltjes van de Dalai Lama deel 2

Als iemand niet naar je glimlacht, wees dan vrijgevig, en bied hem jouw glimlach aan. Niemand heeft meer behoefte aan een glimlach dan mensen die niet naar een ander kunnen glimlachen.

Vandaag is het de juiste dag om lief te hebben, te geloven, en te doen. En vooral om te leven.

Het belangrijkste doel in ons leven is anderen te helpen. En als je hen niet kunt helpen, doe hen dan tenminste geen pijn.

Als je praat herhaal je alleen maar iets dat je al weet. Maar als je luistert leer je misschien iets nieuws.

Maak je geen zorgen als iets niet kan worden opgelost, Als het niet kan worden opgelost, voegt het niets toe er je zorgen over maken.

We kunnen al het andere afwijzen: religie, een ideologie, en alle ontvangen wijsheid. Maar we kunnen niet ontsnappen aan de noodzaak van liefde en compassie. Dat is ware religie. Daar heb je geen tempel, moskee, kerk of synagoge voor nodig, En ook geen ingewikkelde filosofie, doctrine of dogma. Ons eigen hart, onze eigen geest, zijn de tempel. De passende doctrine is compassie. Liefde voor anderen en respect voor hun rechten en waardigheid, ongeacht wie of wat ze zijn: uiteindelijk zijn zij alles wat we nodig hebben.

Volg de 3 R’s: Respect voor jezelf, Respect voor anderen, Responsibility (verantwoordelijkheidsgevoel) voor al je activiteiten.

Zegeningen komen niet van buitenaf, maar van binnenuit. Welke zegeningen we ook ontvangen, ze zijn het gevolg van onze eigen inspanning en onze positieve acties.

Op deze planeet zijn we allemaal een soort toeristen. Niemand van ons kan hier voor altijd blijven wonen. Het langste verblijf is ongeveer honderd jaar. We zullen tijdens ons verblijf moeten proberen om een goed hart te hebben, en om iets positiefs en iets nuttigs te doen. Of we nu een paar jaar leven of een hele eeuw, het zou spijtig en verdrietig zijn als we die tijd zouden doorbrengen met het verergeren van problemen die schadelijk zijn voor andere mensen, dieren en het milieu. Het allerbelangrijkste is een goed mens te zijn.

Als je denkt dat alles de schuld van anderen is, zal je veel te lijden krijgen. Als je je bewust wordt van het feit dat alles uit jouzelf voortkomt, leer je zowel vrede als vreugde kennen.

Waar geluk komt voort uit een gevoel van innerlijke vrede en tevredenheid. Je kunt dit bereiken door het ontwikkelen van altruïsme, liefde en compassie, en door het uitbannen van woede, egoïsme, en hebzucht.

Wijsheidcitaten in de Upanishads over het Zelf

In India wordt een verscheidenheid aan oude spirituele geschriften gekoesterd door volgelingen van het Hindoe geloof. Hoewel de Veda’s worden beschouwd als de grondtekst van ’s werelds oudste religie, en van inspirerende heldendichten als de Ramayana en de Mahabarata, komen de Upanishads vanwege hun transcendente  wijsheid het dichtst bij de harten van Hindoes.

In deze iconische verzameling teksten maakt de lezer kennis met wat de Engelse auteur Aldous Huxley beschrijft als Perennial Philosophy, de bron van elk religieus geloof. Men gaat ervan uit dat de Upanishads, wat ‘neer zitten bij’ betekent, een verwijzing is naar een student die geestelijke kennis van een leraar ontvangt. Ze zijn geschreven tussen 800 en 500 voor Christus, toen er een belangrijke maatschappelijke transformatie in India plaatsvond.

Tot dit moment in de geschiedenis van India bepaalde de traditionele Vedische religieuze orde maatschappelijke rollen. Brahmanen, een priesterschapskaste, waren de enigen die mochten deelnemen aan bepaalde spirituele oefeningen. Dit veranderde echter toen zogenaamde ‘gewone mensen’ hun aandacht verlegden van wereldse doelen naar spirituele aspiraties. Ze transformeerden tot de wijzen die in de Upanishads worden genoemd. Om deze redenen worden de heilige geschriften ook Vedanta genoemd, een van de zes basisuitgangspunten van het Hindoeïsme, en ze verwijzen naar ‘het einde’ of ‘het laatste hoofdstuk’ van de Veda’s.

Omdat er meer dan 200 op zichzelf staande Upanishads zijn die op verschillende tijdstippen door verschillende onbekende auteurs zijn samengesteld, waarvan er een stuk of tien het belangrijkst zijn, verschillen de woordkeus en de theologische leer van uiteenlopende Upanishads van elkaar.

Maar toch, zoals je hier zult kunnen ontdekken door de volgende wijsheidcitaten uit de Upanishads te onderzoeken, komt er een aantal gemeenschappelijke thema’s duidelijk uit naar voren. De begeleiding van de leraar is er altijd op gericht om leerlingen te helpen om zich hun Atman te realiseren. Of ‘de ziel van puur bewustzijn’, dat deel uitmaakt van Brahman. Van het ene eeuwige Zelf dat ons allen met elkaar verbindt.

“Je bent dat wat je diepe, bezielende verlangen is. Zoals je verlangen is, is je wil. Zoals je wil is, zijn je daden. Zoals je daden zijn, is je bestemming.”

“Hij die alle wezens in zijn Zelf herkent, en zijn Zelf in alle wezens, zal geen lijden kennen; want als je in alle schepselen je ware Zelf herkent, verdwijnen je jaloezie, verdriet en haat. “

“Dromen zijn echt tot zolang ze duren. Geldt hetzelfde voor onze levens? “

“Tijd, aard, noodzaak, de elementen, energie, intelligentie – Geen van deze kan de Eerste Oorzaak zijn. Het zijn invloeden waarvan het enige doel is om het Zelf op te tillen boven plezier en pijn. In de diepten van hun meditatie zien wijzen binnenin zichzelf de Geliefde die in het hart van elk schepsel woont. “

“Het Zelf is overal. Helder is het Zelf, ondeelbaar, onaangeraakt door de zonde. Immanent en transcendent. Hij is het die de kosmos samenhoudt. “

“Zoals hetzelfde vuur verschillende vormen aanneemt als het voorwerpen in zich opneemt die qua vorm verschillen, neemt het Zelf de vorm aan van elk schepsel in wie hij aanwezig is.”

“Het weten dat de zintuigen gescheiden zijn van het Zelf, en dat de zintuiglijke ervaring vluchtig is, maakt ons niet treurig.”

“Het Zelf, zuiver bewustzijn, straalt als het licht in het hart en wordt omringd door de zintuigen. Het lijkt te denken, het lijkt te bewegen. Het Zelf echter slaapt noch ontwaakt, noch droomt.”

“Als alle verlangens die in het hart opwellen worden verworpen, wordt het sterfelijke onsterfelijk. Als alle verstrengelingen die het hart in hun greep houden worden losgelaten, worden stervelingen onsterfelijk. Hier in dit leven.”

“Zij die het Zelf realiseren krijgen toegang tot de vrede die een volledige zelfbeheersing en een volmaakt geduld met zich meebrengen. Ze zien zichzelf in iedereen en iedereen in zichzelf. Het kwaad kan hen niet overwinnen omdat ze alle kwaad al hebben overwonnen. Zonde kan hen niet verslinden omdat ze alle zonden al hebben verslonden. Vrij van het kwaad, vrij van zonde en twijfel leven ze in het koninkrijk van Brahman. “

Hij die rijk is aan kennis van het Zelf, begeert geen externe macht of bezit

“Er is maar één manier om het Zelf te kennen, en dat is om dat Zelf te realiseren. De onwetenden denken dat het Zelf gekend kan worden door het intellect. Maar verlichten weten dat hij voorbijgaat aan de dualiteit van kenner en het gekende. “

“Hij is overal, hoewel we hem niet zien. Maar beminde, het Zelf is overal in alle dingen.  Er is niets dat niet van hem afkomstig is. Van al wat bestaat is hij het innerlijkste Zelf. Hij is de waarheid. Hij is het allerhoogste Zelf.”

“Men kan zeggen dat de geest twee kanten heeft, zuivere en onzuivere. Gedreven door de zintuigen wordt de geest onzuiver; maar met de zinnen onder controle, wordt de geest zuiver. Het is de geest die ons bevrijdt of tot slaaf maakt. Gedreven door de zonde raken we gebonden; als we de zintuigen in onze macht hebben worden we vrij. Zij die op zoek zijn naar vrijheid moeten hun zintuigen in bedwang houden”.

“Zoals de zon het oog van de wereld is, en niet kan worden aangetast door wat in onze ogen defecten zijn, noch door ogenschijnlijke objecten, kan het ene Zelf, dat in alles woont, niet worden aangetast door de kwaden van de wereld. Want Zelf overstijgt alles! “

Het Zelf, dat in alles woont, zal niet worden aangetast door de kwaden van de wereld

“Het Zelf is de bron van blijvende vreugde. Onze harten zijn vervuld van vreugde door Zelf verankerd te zien in de diepten van ons bewustzijn. Als Zelf er niet was, wie zou dan ademen, wie zou dan leven? Hij is het die elk hart met vreugde vervult. ‘

“Er is geen vreugde in het eindige; er is alleen vreugde in het Oneindige. “

“Het Zelf is in alles. In alle goden, in de vijf elementen, aarde, lucht, vuur, water en ruimte; in alle schepselen, groot of klein, voortgekomen uit eieren, uit baarmoeders, uit hitte, uit de scheuten van planten, paarden, koeien, olifanten, mannen en vrouwen; het Zelf is in alle wezens die kunnen lopen, in alle wezens die vliegen en in alles dat wandelt noch vliegt. ”

“Het Zelf is verborgen in de harten van iedereen, zoals boter schuilgaat in room. Realiseer het Zelf in de diepten van je meditatie. De Heer van Liefde is de allerhoogste realiteit, en het doel van alle kennis. “

“Zoals het web uit de spin tevoorschijn komt, en zoals planten uit de Aarde ontspringen, zoals het haar uit een lichaam groeit, zeggen de wijzen, komt dit universum voort uit het onsterfelijke Zelf, de bron van leven.”

bron

© Patrick Zeis

 

Vertaling: Hansjelle Dijkstra

Vrouwen

Er is al geruime tijd wat gaande rondom ‘vrouwelijke energie’ en sinds de #metoo ontploffing zoek ik naar de juiste woorden. Gisteren kwam weer een puzzelstukje.

Vrouwelijke en mannelijke energie is in een eeuwige dans verstrengeld. Met elkaar op zoek naar een dynamisch evenwicht. Waarbij je vrouwelijke energie kunt beschrijven met kwaliteiten die lijken op o.a. die van water; verbindend, contactzoekend, aanpassend, magnetisch, stromend en in essentie richtingloos. En mannelijke energie met woorden als stevig, focus, duidelijk, begrenzing, bescherming en steunend. Het beschrijven van deze twee kwaliteiten is eindeloos omdat de hele schepping bestaat uit deze twee essenties.

Uiteraard biedt ieder mens ruimte aan beide type energieën in zichzelf. Echter, ben je een man, dan voel je je vaak het prettigst wanneer je je vrij voelt om je mannelijke energie uit te drukken. Schaamteloos je eigen kracht en focus aanwenden. Om zo, in de reflectie daarvan in de buitenwereld, je eigen innerlijke waarde, gevoel voor schoonheid, liefde en wijsheid te herkennen. ‘Bevruchten’ is dan ook een ‘mannelijke’ kwaliteit, letterlijk en symbolisch. Om dit vrij van schaamte en schuld te kunnen doen, helpt het om jezelf later weer te kunnen opladen, ontladen en ontspannen. Je  moet je focus kunnen laten gaan in een ‘bodem’ of ‘thuis’. Een toestand of plek waarin je mag uitrusten en opnieuw kracht kunt opbouwen. Zonder deze ‘vrouwelijke voeding’ wordt het mannelijke niet aangevuld en verhard het of wordt het inflexibel.

Andersom geldt voor veel vrouwen dat ze zich prettig en veilig zouden willen kunnen voelen tijdens het tonen van hun vrouwelijke kant; in staat tot overgave, ontvangen van adoratie, bieden van koestering en het toelaten van intimiteit voorbij hun eigen grens. Om dat te laten gebeuren hebben ze behoefte aan een betrouwbare, innerlijke mannelijke kant die ingrijpt wanneer het onveilig wordt, of wanneer een situatie niet langer wederkerig is. Als de innerlijke mannelijke kant dit (nog) niet kan bieden, zijn er genoeg mannen die deze taak al te graag op zich nemen. Maar zoals veel mannen uit ervaring weten; het luistert nogal nauw hoe ver een vrouw je toelaat. Hoe ver ze opengaat. Daaraan kun je als man je vaardigheid aflezen om te herkennen wat zich afspeelt in en tussen jou en de ander. En ja… daarvoor moet je je eigen vrouwelijke kant kunnen inschakelen.

Door de golf aan #metoo ontboezemingen wordt duidelijk dat er zowel aan de mannelijke als vrouwelijke kant veel pijn, verwijten en onbegrip leven. Veel mannen weten niet hoe ze nog voldoende toegang kunnen krijgen tot de diep vrouwelijke kwaliteiten van overgave, acceptatie en intimiteit, niet in zichzelf en daardoor ook niet bij de ander. Vrouwen zijn vergeten hoe ze zelf te alle tijden verantwoordelijkheid kunnen en zouden moeten nemen voor het beschermen van hun innerlijke kwaliteiten. Ze zullen altijd kwetsbaar zijn wanneer ze dat niet voor zichzelf doen. Die beschermende taak kunnen we, zowel mannen als vrouwen, niet alleen bij de ander of de maatschappij neerleggen.

Wanneer ‘het mannelijke’ de meer kwetsbare kwaliteiten van ‘het vrouwelijke’ ten volle herkent, bevordert en op waarde schat, is er geen drempel om voldoende toegang ertoe te krijgen. Zoveel je wil. ‘Het mannelijke’ is in essentie zelfs in staat om ‘het vrouwelijke’ veilig voorbij haar eigen grenzen te begeleiden. De meeste vrouwen maken bewust of onbewust altijd een snelle inschatting of de man in kwestie daartoe in staat is; in elke situatie en elke keer opnieuw. Dus ja, als man word je inderdaad steeds opnieuw beoordeeld en vaak afgewezen.

Maar… wat nou als de toename van openlijk getoonde vrouwelijke energie doorzet? Wat nou als ‘de vrouw’, collectief en mondiaal, vergeten vrouwelijke kwaliteiten in ere herstelt en deze weer leert ‘bemensen’. Deze met trots en waardigheid gaat uitdragen en haar handelen weer laat sturen door deze vrouwelijke kwaliteiten.

De magie, het weten van de vrouw, is sinds jaar en dag een aspect van het leven waar we maar weinig van terugzien in dit tijdperk. Het is een kant van vrouwen waarmee ze de vloer aanvegen met de gemiddelde man. Het is een kant van vrouwen waarmee ze in bijvoorbeeld het oude Egypte grove uitbuiting van mannen konden laten plaatsvinden. Maar het is ook de helende, genezende kant van vrouwen. Het laten smelten van het leed, het weghuilen van de trauma’s, het opschonen van de schade. Het tot ontploffing brengen van onwaarheden. Steeds opnieuw alles herstellen. Keer op keer. Onvermoeibaar sussen en troosten, verleiden en afleiden. De waarheid achter illusies zien en het herkennen van diepe verbindingen en patronen.  Voorsorteren en voorkomen. De informatie herkennen die niet zichtbaar is voor het blote oog.

Als deze vrouw terugkeert in de maatschappij, wordt zij de kat die met de muis speelt.

Wanneer de rivier weer volraakt met de kwaliteit van water, de vrouw weer onbeperkt vrouw wordt, dan kunnen er wel eens overstromingen aankomen die we nu niet voor mogelijk houden. Dan kan het vermogen van de huidige generaties mannen om dammen en kades te bouwen voor deze rivieren ontoereikend blijken. Dan kan een harmonisch evenwicht tussen beide polen opnieuw uitblijven. Het water zal dan aan alle kanten, uit alle gaten, onbeteugeld de bevrijding opzoeken. Het water zal de blokkades uitlachen, links en rechts overspoelen en negeren. Dat water zal hoe dan ook zijn weg vervolgen.

Het lijkt me daarom aan te raden dat iedere man zich gaat verdiepen in de vrouwelijke kwaliteiten die mondiaal op grote schaal aan het ontwaken zijn. Ik kan alleen voor mezelf spreken maar de godinnen uit de Griekse mythologie lijken er heilig bij!

BronL https://aukjevandevorstenbosch.com/ 

Boeddha’s basics 9: juiste inspanning, aandacht en aanwezigheid

De laatste drie oefeningen van het achtvoudige pad zijn tezamen te beoefenen in de formele, geritualiseerde zitmeditatie (zie hieronder) en elk individueel, op de plek waar je bent, in de dingen die je doet.

‘Juiste inspanning’ (samyagvyayana)

Een van de oorzaken van duhkha, het aanlopen van de as van het wiel van mijn leven, is het energetisch vastzetten van mijn energie in een object van weerstand of verlangen. De beoefening van ‘juiste inspanning’ is het energetisch afstemmen op de energie die me draagt in een situatie. Hiertoe zal ik mijn verkramping rond het object van mijn weerstand of verlangen moeten loslaten, minder doen, minder inspanning leveren, om vervolgens af te stemmen op het resoneren met de energie in de situatie. Dit afstemmen is te vergelijken met het stemmen van de snaren van een sitar, zoals de historische Boeddha eens heeft gezegd. Eerst stem je de snaar te strak, je doet te veel. Dan stem je hem losser, je doet te weinig en dan klinkt de snaar ook niet. Vervolgens blijf je stemmen, totdat de snaar precies resoneert met de andere snaren van de sitar. Uiteindelijk betekent de juiste inspanning geen inspanning, maar een gedragen worden door de energieën binnen een situatie, precies zoals de Chinese wijze Lau-tse dit verwoordde in het achtenveertigste hoofdstuk van zijn befaamde Tau Te Tsjing:

‘Wie studie beoefent, wordt dagelijks meer. Wie de Weg beoefent, wordt dagelijks minder. Van minder wordt het minder, tot het komt tot daadloosheid (wu-wei). Door daadloosheid is er niets dat niet wordt gedaan.’ Ik word gehandeld…

‘Juiste aandacht’ (samyaksmrti)

Een andere manier om de vastgezette energie op een object van weerstand of verlangen los te laten en terug te keren tot mezelf, tot mijn integrale existentie, fysiek en mentaal, is om mijn aandacht te richten op bijvoorbeeld mijn ademhaling en deze aandachtig te volgen, adem in, adem uit… Er wordt gezegd dat dit de meditatieoefening van de Boeddha was, toen hij met gekruiste benen zeven dagen lang onder een oude ficusboom te Bodh Gaya zat, voor zijn ontwaken. We kunnen deze oefening in juiste aandacht vanzelfsprekend ook in elke andere activiteit dan het zitten in meditatie verrichten. We kunnen wandelen in aandacht, de ene voet aandachtig voor de andere plaatsend, zoals de Vietnamese zen leraar Tich Nhat Hanh dit onderwees. We kunnen aandacht hebben voor de dagelijkse handelingen die we verrichten, het met aandacht thee of koffie drinken, de beker aandachtig naar mijn mond brengend, met aandacht proeven en slikken, de beker weer aandachtig terugzetten op de tafel, et cetera. Moeilijker is het om aandachtig de emotie te volgen die opkomt in de situatie waarin ik me bevind, van het oprijzen, naar het tot volle wasdom komen en weer verdampen. Of het met aandacht volgen van een gedachte die oprijst, zich ontvouwt en weer verdwijnt. Het zijn allemaal oefeningen in ‘mindfulness’ die we op de plek waar we ons bevinden, in de handeling die we daar verrichten, in praktijk kunnen brengen. Deze oefeningen in mindfulness gaan terug op de aloude vipassyana meditatie die door de historische Boeddha aan zijn leerlingen is onderwezen:

‘Een ijverige monnik die de dingen helder begrijpt en oplettend is, leeft terwijl hij de handelingen van zijn lichaam waarneemt, en de hebzucht en afkeer ten aanzien van de wereld van het lichaam overwonnen heeft; terwijl hij zijn gevoelens waarneemt, en de hebzucht en afkeer ten aanzien van de wereld van de gevoelens overwonnen heeft; terwijl hij de activiteiten van zijn geest waarneemt, en de hebzucht en afkeer ten aanzien van de wereld van zijn geest overwonnen heeft; terwijl hij de mentale objecten waarneemt, en de hebzucht en afkeer ten aanzien van de wereld van mentale objecten heeft overwonnen.’ Sattipatthana-sutta, Majjhima Nikaya 10. ‘Overwonnen hebben’ is in concreto energetisch losgelaten hebben.

‘Juiste aanwezigheid’ (samyaksamadhi)

‘Zorg ervoor dat je kleding los en netjes zit. Plaats je rechterhand op je linkervoet en je linkerhand op je rechterhand terwijl je duimtoppen elkaar zachtjes raken. Plaats je handen in deze positie voor je lichaam zodat beide duimtoppen zich ter hoogte van je navel bevinden. Strek je lichaam en zit rechtop. Leun niet naar links of rechts, nijg niet naar voren of naar achteren. Je oren moeten op een lijn liggen met je schouders en je neus op een lijn met je navel. Laat je tong tegen je gehemelte rusten en adem door je neus. Je mond moet gesloten zijn met je tanden zachtjes tegen elkaar. Je ogen moeten geopend zijn, niet te wijd maar ook niet te nauw. Nadat je lichaam en geest op deze wijze in orde hebt gebracht, adem je in en weer helemaal uit.

Zit stevig in intimiteit en denk niet-denkende. Hoe je niet-denkende denkt? Zonder te denken. Dit is de kunst van zitten in zen. Zitten in zen is niet leren te concentreren. Het is de werkelijkheidspoort van groot gemak en vreugde. Het is het onbezoedelde beoefenen-ontwaken. ‘ Fukanzazengi, Dogen Zenji

Het bovenstaande citaat betreft de formele beoefening van geritualiseerde zit meditatie, zazen of shikantaza, ‘alleen maar zitten’. Het is de moeilijkste vorm van meditatie, juist omdat er helemaal niets is om te doen en niets is waarop ik me kan richten. Er is enkel het zittende lichaam waarnaar ik kan terugkeren, als ik mijn vastgezette energie op het object van mijn verzet of verlangen heb losgelaten. Tegelijkertijd is het ook de gemakkelijkste en meest directe meditatieoefening: alleen maar zitten en zijn, zonder meer, zonder minder. Ik word gezeten, in mijn lichaam borrelen spontaan gedachten op zonder dat ik denk en ik weet me gedragen door de energieën in de situatie. Hier ben ik terug bij mezelf, bij sukha, het moeiteloos en vreugdevol stromen van mijn zijn. Hier vind ik nirvana, de onverstoorbare vrijheid van geest, waarin niets wordt uitgesloten.

Om zo naar mezelf terug te gaan, naar mijn aanwezigheid in de situatie en de situatie in mij, zal ik echt in mijn lijf moeten zijn, zowel tijdens de formele meditatie als in mijn dagelijkse activiteit. Ik zal moeten leven vanuit mijn buik, ademend naar mijn onderbuik toe, gedragen door mijn hara, tien centimeter onder mijn navel. Ik zal mijn ledematen moeten voelen, staande op mijn voeten, zittend op mijn zitbeentjes, grijpend met mijn handen, tastend met mijn vingers. Wat ik hoor, wat ik zie, wat ik voel, wat ik proef, brengt me terug naar mezelf, naar mijn integrale existentie, mijn incarnatie, waar het Ongeborene mijn individuele bestaan met schittering en vreugde vervult. Dit lijf is mijn toevlucht, maar dit lijf is niet van mij. Het is een instrument in de handen van alle krachten en condities van de situatie waarin ik me thans bevindt, om daarin precies datgene te doen dat klopt.

Boeddha’s basics 8: juiste gedrag en juiste levenswijze

‘Alles wat hem over zen werd gevraagd beantwoordde meester Gutei

eenvoudig met het opsteken van een vinger. Eens vroeg een bezoeker

aan Gutei’s jonge bediende: ‘Waaruit bestaat de leer van je meester?’

Toen stak de knaap eveneens een vinger op. Toen Gutei dit hoorde,

sneed hij de jongen met een mes zijn vinger af. Huilend van pijn liep de

jongen weg. Gutei riep hem na. Toen de jongen zijn hoofd omdraaide,

stak Gutei een vinger op. Toen werd de jongen plotseling verlicht.

Toen Gutei op sterven lag zei hij tot de verzamelde monniken:

‘Deze één-vinger-zen heeft Tenryu aan mij doorgegeven. Ik heb hem

mijn hele leven gebruikt maar niet alles eruit gehaald wat erin zit.’ Na

deze woorden trad hij het nirvana binnen.’

Mumonkan, ‘De Poortloze Poort’, casus nr. 3.

 

Door middel van mijn spreken en handelen drukt het Ongeborene zich uit in de wereld. En het doet dit in elke handeling, hoe onbeduidend ook en op mijn hoogst individuele wijze. In mijn spreken en handelen komen het onpersoonlijke absolute (het Ongeborene) en het persoonlijke relatieve (mijn eigenheid) samen. In feite spreekt en handelt het Ongeborene altijd door me heen, ook als ik denk dat ‘ik’ dat ben. Als ik sterk bevangen ben door de gedachte dat ik het doe, beperkt dat evenwel het vrije functioneren van het Ongeborene. Dan stroomt mijn energie niet meer vrijelijk en ben ik geboeid door de gedachten aan ik, mij, mijn. Dan is er duhkha, het wringt, wrijft, knelt in mijn kern, de as van het wiel van mijn leven loopt aan, het stokt. Eigenlijk kan ik de dingen alleen op mijn botte wilskracht doen, ze ontstaan niet organisch vanuit de situatie waarin ik me bevind, noch zijn ze daarop afgestemd.

Dus, ofschoon het Ongeborene altijd door me heen werkt in mijn spreken en handelen, kan ik in mijn spreken en handelen stokken of stromen ervaren. Wanneer mijn handelen bedacht, berekenend of gekunsteld is, zoals in de bovenstaande koan, werkt het Ongeborene zonder twijfel door me heen, maar beperkt, gemankeerd. De oefening in het juiste handelen nodigt me uit om telkens weer terug te gaan naar mezelf, mijn lichaam en de situatie waarin het zich bevindt en contact te maken met wat zich in mijn handelen tot uitdrukking brengt. Daar werkt de Eeuwige in de eindige wereld.

Het ‘juiste gedrag’ betekent niet moreel ‘goed handelen’, het is geen ethisch imperatief. Vergelijk de bovenstaande koan, het afsnijden van een vinger is ethisch niet goed te noemen. Maar het gedrag is afgestemd op de situatie, het rijst op in intimiteit met de situatie en betreft wat in de situatie ondersteunend en ‘juist’ is om te doen, in dit geval om de leerling zijn leven terug te geven.

Bij de beoefening van de juiste levenswijze moet ik blijven checken, of wat ik doe en met wie ik ben nog klopt, of ze een adequate uitdrukking zijn van wie ik ben. Bij tijd en wijle stel ik mezelf de vraag: klopt het wel dat ik dit heb te doen, dat ik met deze mensen samen ben, op deze plek, in deze fase van mijn leven? Ik kan nooit zelfverzekerd achterover leunen en ervan uitgaan dat ik er ben. Ik ben er, altijd, en arriveer voortdurend op een plek en met een werkzaamheid die nooit vastligt, maar zich onophoudelijk ontvouwt vanuit mijn werkzame handen.

Hoe weet ik dat het klopt wat ik doe? Ik weet het, zoals ik weet of het koud of warm is en zoals ik weet of de soep te zout of te flauw is. Dit weten is een intiem, ongedeeld en onmiddellijk weten, ze is een expressie van mijn essentie op dat moment.

Boeddha’s basics 7: juiste spreken

Er zit een verschil tussen de uitspraak ‘Ik ben boos’ en de uitspraak ‘Ik ben boos op jou.’ De laatste legt de oorzaak van mijn boosheid buiten mezelf en voegt daarmee iets toe aan datgene wat ik aan den lijve ervaar. Ze scheidt de intimiteit van die directe ervaring in een subject en een object. De eerste uitspraak echter, drukt precies uit wat zich in mijn leven voordoet, zonder dat daarin ook maar enige afstand wordt gecreëerd. Dit spreken vanuit de intimiteit met de ervaring is wat we het ‘juiste spreken’ kunnen noemen. Het drukt in een ongehinderde stroom onmiddellijk uit wat is.

Het juiste spreken is spreken vanuit de onderbuik, een ‘buikspreken’, dichtbij mezelf, waarin ik geen woord heb gesproken. Het is een uitspreken van mijn diepste essentie. Niet een spreken vanuit mijn ‘ik’, dat onverzettelijke bastion dat gescheiden is van de rest van de wereld en als een eiland is in de situatie. Het is een spreken vanuit het zelf dat alles omvat. Het juiste spreken drukt de situatie uit precies zoals ze is en het zelf is hierin de pijp waardoorheen de situatie stroomt. Als in deze stroom geen positie wordt ingenomen, maar onmiddellijk tot expressie wordt gebracht, dan stroomt de situatie door mijn spreken heen en stroomt mijn essentie.

Hoe blijf ik dichtbij mezelf in mijn spreken en dichtbij de situatie? Als ik besef dat ik afdwaal van wat concreet is, van wat in het vlees is en afstand neem, mezelf afscheid, terugdeins, me verzet, ik stelling neem en vervolgens vaar op mijn oude, diep ingesleten patronen van denken, zien en spreken, mijn ‘stokpaardjes’, dan kan ik vanuit dit besef terugkeren naar de situatie zoals ze is, deze vlezige situatie, dit stromende lichaam. Ik voel het, de situatie resoneert in elke porie, in ben haar en druk uit wat is.

Sprekend dichtbij mezelf en afgestemd op de situatie, volg ik moeiteloos de intenties die over het juiste spreken zijn gegeven onder de Tien Grote Mahayana Voornemens: niet liegen, niet kwaad spreken over anderen en mezelf niet verheffen ten koste van de ander. Ik druk ‘slechts’ mezelf uit, mijn essentie en ben niet bezig met mijn verhouding tot welke ander dan ook.

Wie spreekt daar dan? In het juiste spreken spreek ik niet, maar er wordt door me heen gesproken. Het ‘ik’ blijft buiten spel, het wordt even ‘in de wacht’ gezet en heeft in het juiste spreken nooit een woord gezegd. Het ‘ik’ is een instrument in het verwoorden van wat is, door wat is. Ik word gesproken. Hakkelend en herroepend zoekt het juiste woord naar het juiste woord, en verwoordt daarmee de situatie, geeft haar stem en heeft toch niets gezegd.

5 kern-eigenschappen van het Ego die we volgens Eckhart Tolle beter kunnen afbouwen

Ego: we hebben het allemaal, maar de meeste mensen begrijpen niet echt wat het Ego is. Volgens Eckhart Tolle, de schrijver van de twee meest invloedrijke ‘spirituele’ boeken van onze tijd“hebben de meeste mensen zichzelf zó volledig geïdentificeerd met die stem in hun hoofd – die onophoudelijke stroom onvrijwillige en dwangmatig gedachten plus de emoties die daarmee gepaard gaan – dat je zou kunnen spreken van ‘bezeten door hun geest’.”

Door : Arjun Walia

Zolang je je daar niet helemaal bewust van bent,” vervolgt hij, “gebruik je die denker om te zijn wie je denkt te zijn. Dit is de egoïstische geest. We noemen het egoïstisch vanwege het gevoel van Zelf, van Ik (Ego), in elke gedachte, elke herinnering, elke interpretatie, mening, visie, reactie, emotie. Onbewust weliswaar, vanuit spiritueel perspectief gesproken.

Alle uitspraken komen uit het boek Een nieuwe Aarde.

Vervolgens legt hij uit hoe onze gedachten en denkpatronen worden bepaald door onze ervaringen uit het verleden, uit het gezinsleven en opvoeding en de omgeving waarin je bent opgegroeid.

“De kern van al je geestactiviteit bestaat uit bepaalde zich herhalende en aanhoudende gedachten, emoties en reactieve patronen waarmee je jezelf het sterkste identificeert. Deze entiteit is het Ego zelf.”

Dat Ego zit vol met allerlei gedachten en emoties waarmee we onszelf identificeren. Daardoor spelen we allerlei rollen in verschillende situaties zonder ons daar bewust van te zijn. We identificeren ons ‘collectief’ met bijvoorbeeld nationaliteit, religie, ras, sociale klasse of politieke voorkeur.

“Het Ego bevat ook persoonlijke identificaties. Niet alleen met bezittingen, maar ook met meningen, uiterlijk, langdurige boosheid, ideeën over jezelf dat je niet goed genoeg bent, of je wel succesvol bent, of dat je een mislukking bent.”

Ook beschrijft hij hoe onze Ego’s in feite allemaal hetzelfde zijn:

“Inhoudelijk varieert het Ego van persoon tot persoon, maar ze werken allemaal op dezelfde manier. Met andere woorden: Ego’s verschillen alleen aan de buitenkant. Diep van binnen zijn ze allemaal identiek. Op welke manier zijn ze hetzelfde? Ze leven van identificering en afscheiding. Wanneer je leeft met de door je geest bedachte Zelf, bestaande uit gedachten en emoties, dan is dat je Ego.  Ego is de basis van jouw onzekerheid, want gedachten en emoties zijn van nature kortdurend en vluchtig. Elk Ego worstelt voortdurend om te kunnen overleven, probeert zichzelf te beschermen en te vergroten. Om de ‘Ik-gedachte’ hoog te houden heeft het de tegenovergestelde gedachte ‘de ander’ nodig. En de meest tegenovergestelde  ‘ander’ is de ‘vijandige ander’. In dit onbewuste egoïstische patroon schuilt de dwangmatige gewoonte om vooral de fouten bij anderen te zien en daarover te klagen. Jezus verwees ernaar toen hij zei: “Waarom kijk je naar de splinter in het oog van je broeder of zuster, terwijl je de balk in je eigen oog niet opmerkt?”

5 Belangrijke kenmerken van het Ego

Klagen en wrok

Meestal ontstaat klagen vanuit het gebrek aan dankbaarheid en bewustzijn. Het is een gevoel dat ons in een slachtofferrol plaatst, een gevoel dat ‘er iets met je gebeurd is’. Dat is het ‘Ik’ waar Tolle naar verwijst. Klagen is het resultaat van jouw geest die volgens bepaalde overtuigingen van mening is hoe ‘iets’ zou moeten zijn en het vervolgens fout vindt als dat ‘iets’ heel anders uitpakt. Het is – zoals Tolle opmerkt – “een door de geest verzonnen verhaaltje waar je volledig in gelooft.

“Wanneer zo’n Ego je in de greep heeft is klagen – vooral over anderen – een gewoonte, onbewust uiteraard, hetgeen betekent dat je eigenlijk niet weet wat je doet.”

Een onderdeel hiervan is schuld, dat vaak gepaard gaat met geklaag. Wanneer je het gevoel hebt dat iemand je iets heeft ‘aangedaan’ ben je volledig verzwolgen door je Ego. Dat geldt uiteraard niet voor alle situaties, maar wel in de meeste. Oordelen en klagen over een ander weerspiegelt meestal onszelf en ons innerlijk onbehagen. Geklaag als “hij is dit” of “zij is zoals dat” is simpelweg – nogmaals – een verhaaltje dat jouw geest verzint op basis van verschillende observaties en ervaringen.

Dit gebeurt aldoor. Het hebben van gedachten over een ander geeft in het algemeen aan dat je geest een verhaal verzint, ‘goed’ of ‘slecht’ maakt niet uit.

“Het plakken van negatief geladen mentale etiketjes op mensen, of het nou recht in hun gezicht is, of wat vaker voorkomt: praten over iemand tegen anderen, of zelfs maar over een ander nadenken, maakt vaak deel uit van dit patroon. Het gebruik van scheldwoorden is de grofste vorm van etikettering die voortkomt uit de behoefte van het Ego om macht over anderen  uit te oefenen en gelijk te willen hebben. “Eikel, klootzak, trut…” allemaal onherroepelijke uitspraken waartegen je niet kunt argumenteren.

Het Ego gaat vervolgens op zoek naar anderen voor bevestiging en aanmoediging van die opvattingen. We verbergen deze neiging door te beweren dat het heel normaal is om anderen in vertrouwen te nemen wanneer we boos zijn, maar in werkelijkheid is het niet meer dan mensen verzamelen waarvan we weten dat ze ons ‘zullen steunen’ en die het met onze standpunten ‘eens zijn’.

“Wrok is de emotie die samengaat met klagen en mentale etiketjes plakken op mensen en die voegt nog meer energie toe aan het Ego. Wrok betekent verbittering, verontwaardiging, je gekwetst of beledigd voelen. Je haat de hebzucht van anderen, hun oneerlijkheid, hun gebrek aan integriteit, wat ze doen, wat ze in het verleden hebben gedaan, wat ze wel of wat ze niet hadden moeten doen. Daar houdt het Ego van. In plaats van het onbewuste in anderen door de vingers te zien, bestempel je het tot hun identiteit. Wie doet dat? Dat doet het onderbewuste in jou, je Ego. Soms is de fout die je bij anderen waarneemt zelfs niet eens aanwezig. Het is een totale misinterpretatie, een projectie van de geest die geconditioneerd is om vijanden te zien, waarmee het Ego zichzelf geweldig en superieur maakt. Anderzijds kan er inderdaad een fout zijn, maar door je daarop te concentreren, soms met uitsluiting van al het andere, versterk je het. Zoals je reageert op een ander, versterk je het in jezelf.”

“Niet-reageren op het Ego van anderen is één van de meest effectieve manieren om niet alleen het Ego te overstijgen, maar ook om het collectieve menselijke Ego te ontbinden. Je kunt echter alleen niet-reageren als je iemands Ego-gedrag kunt herkennen als een uitdrukking van het collectieve menselijke disfunctioneren. Wanneer je je realiseert dat het niet persoonlijk is, is er ook geen drang om te reageren alsof het wel persoonlijk is. Door niet-reageren op het Ego zal je vaak in staat zijn om de geestelijke gezondheid van anderen naar het licht te halen, naar het ongeconditioneerde bewustzijn, het tegenovergestelde van het geconditioneerde bewustzijn.”

Niet-reageren, kalmte en innerlijke vrede is de sleutel. Deze innerlijke gemoedstoestand zal ook effect hebben op de anderen in de ‘spirituele gemeenschap’. Degenen die streven naar het verkleinen van het Ego zullen continu worden uitgedaagd door mensen als deze. Er zullen egoïstische emoties als jaloezie en ongeloof komen bovendrijven die je kunt verzachten door niet-reageren. Men kan zich zelfs zó vastbijten in ongeloof, dat men denkt dat je ‘het inhoudt’ of ‘het opbouwt.’

“Soms is het nodig praktische stappen te nemen om jezelf te beschermen tegen mensen die nog in een diepe onbewuste staat verkeren. Dit kun je doen door ze niet als vijanden te beschouwen. Iemand wordt pas vijand als je het onderbewustzijn – het Ego – personaliseert. Niet-reageren is geen teken van zwakheid, maar van kracht. Een ander begrip voor niet-reageren is vergeving. Vergeving is door de vingers zien, of beter: doorzien. Je kijkt dwars door het Ego naar de geestelijke gezondheid, de werkelijke essentie in ieder mens.”

Tolle verduidelijkt dat klagen niet verward dient te worden met het verdragen van slecht gedrag of slechte kwaliteit. Daarbij gebruikt hij het voorbeeld van soep die niet heet genoeg wordt geserveerd. Je kunt de ober vertellen dat je soep niet heet genoeg is en dat je het fijn zou vinden als die op de juiste temperatuur wordt gebracht. Dat komt vriendelijker over dan klagen en de ober verwijten met “Hoe dùrf je me koude soep te serveren!”

De grote truc om ons geklaag en onze wrok te verminderen is eenvoudig: word er bewust van en observeer het.

Reactiviteit en grieven

Reageren is één van de manieren van het Ego waarmee het zichzelf laat groeien. We reageren onmiddellijk op personen of situaties in ons leven die ons aanleiding geven emotioneel te worden. Mijn ervaring is, dat wanneer je je bewust wordt van je reactiviteit en je bijbehorende emoties, de triggers vervagen. Niet dat je dan die emoties niet meer voelt, maar meestal laten we onze emoties de situatie overnemen als we niet bewust zijn van onze reacties. De volgende stap bij het voelen van een emotie – of het nu boosheid, haat of wrok is – is dat je je reactie beheerst en je jezelf van een afstandje observeert. Hoe vaker je dit doet, hoe gemakkelijker het wordt om niet te reageren op je emoties. Bovendien, als je deze staat van zelfbewustzijn regelmatig oefent wordt zelfbeheersing niet alleen makkelijker, maar ook het emotionele reageren minder. Je zult niet langer gevoelens van woede en frustratie toelaten; alsof je een beschermend schild of een krachtveld om je heen hebt. Het bereiken van deze staat van bewustzijn brengt je dichter bij het verkleinen van het Ego.

Zonder zelfobservatie en bewustwording van deze aspecten zal deze cyclus zich eindeloos blijven herhalen. Zowel in je eigen leven als in de collectieve mensheid.

“Er zijn veel mensen die altijd op de loer liggen om ergens op te reageren, die zich overal aan ergeren of storen en zo niet dan duurt het niet lang of ze vinden wel iets. “Het is schandalig!” roepen ze verontwaardigd. “Hoe durf je…” of “Ik vind dit een kwalijke zaak.” Ze zijn verslaafd aan boosheid zoals anderen verslaafd zijn aan drugs. Door overal op te reageren of van alles te beweren versterken ze hun gevoel van eigenwaarde. Langdurige afkeer noemen we grieven. Grieven dragen is een permanente gemoedstoestand van ‘overal tegen’ zijn en daarom vormen grieven een belangrijk deel van het Ego van veel mensen. Collectieve grieven kunnen eeuwenlang in de psyche van een natie of stam voortwoekeren en daardoor een eindeloze cyclus van geweld voeden. Grieven hebben is een sterke negatieve emotie die verband houdt met een gebeurtenis in het verre verleden en die in stand wordt gehouden door dwangmatig denken, hardop of in gedachten steeds hetzelfde verhaal herhalen van ‘wat iemand mij aandeed’ of ‘wat iemand met ons deed.’”

Deze negatieve emotionele energie kan ook andere aspecten van je leven beïnvloeden, inclusief je gezondheid, voor zover onze kennis strekt over de verbinding tussen lichaam en geest.

Gelijk hebben, fouten maken

Dit is een geweldige transitie vanuit het klagen. Volgens Tolle’s uitleg:

“Als je klaagt heb je vanzelfsprekend gelijk en is de persoon of situatie waar je over klaagt of waartegen je reageert uiteráárd fout. Niets sterkt het Ego meer dan gelijk hebben. Gelijk hebben is identificatie vanuit een mentale positie: een gezichtspunt, een mening, een oordeel, een verhaal.”

Persoonlijk heb ik een enorme passie voor informatie over onze wereld, te meer omdat wat er allemaal op onze planeet gebeurt nauwelijks in de gangbare media wordt gepubliceerd. Wanneer je interessante feiten tegenkomt, dan wil je die natuurlijk heel graag met anderen delen. Echter, wanneer je dan die informatie met anderen deelt, zien die anderen dat soms als een uitdaging, snijden je de pas af, negeren je of worden ertoe gedreven om nog veel meer informatie te delen, omdat ze graag willen laten zien dat zij óók veel weten. Dat is hun Ego. Als ze door nieuwe feiten worden uitgedaagd, of door jouw kennis, dan worden de factoren die met het Ego in verband staan wakker en het is dan buitengewoon leerzaam om op dat moment bewust naar jezelf te kijken hoe je reageert op je emoties. Stel jezelf voor als kind en je deelt feiten met een volwassene, dan zal de volwassene je bemoedigen, met verwonderding luisteren en respect hebben voor jouw kinderlijke enthousiasme. Als in de plaats van een kind een volwassene dezelfde feiten deelt, dan ziet de volwassene in de meeste gevallen het enthousiasme niet en kan verblind worden door het eigen verlangen om meer te weten of om gelijk te willen hebben.

“Om gelijk te hebben heb je uiteraard een ander nodig die ongelijk heeft, dus wringt het Ego zich met genoegen in allerlei bochten om dat gelijk te krijgen. Met andere woorden: je moet anderen fout maken om jezelf sterker voor te doen dan je in werkelijkheid bent. Niet alleen een persoon, maar ook een situatie kan door geklaag en reactiviteit verkeerd gemaakt worden, hetgeen altijd inhoudt dat ‘iets niet zou moeten gebeuren.’ Gelijk hebben plaatst je in een denkbeeldige positie van morele superioriteit in relatie tot de persoon of situatie die wordt veroordeeld. Dat is het superioriteitsgevoel waar het Ego naar hunkert en waardoor het zichzelf opblaast.”

Verdedigen van een illusie

Tolle heeft hier een geweldig punt. Zoals in bovenomschreven voorbeeld met het kind: feiten bestaan, en soms willen we die heel graag met anderen delen. Daarmee wordt niet bedoeld dat die feiten altijd maar worden uitgesproken met de intentie om ‘gelijk te hebben’, of dat het Ego zich ermee bemoeit, maar eerder uit een authentiek gevoel van passie en nieuwsgierigheid.

“Feiten bestaan zonder twijfel. Wanneer je zegt: “Licht is sneller dan geluid” en iemand anders beweert het tegenovergestelde, dan heb jij natuurlijk gelijk en de ander niet. Het eenvoudige bewijs is dat bliksem voorafgaat aan donder. Dus heb je niet alleen gelijk, je weet zelfs honderd procent zeker dat je gelijk hebt. Is het Ego hierin betrokken? Zou kunnen, maar niet noodzakelijkerwijs. Als je simpelweg zegt wat je weet dat waar is, dan is het Ego er helemaal niet bij betrokken, want er is geen identificatie. Identificatie met wat dan? Met de geest en een mentale houding. Een dergelijke identificatie kan echter gemakkelijk binnensluipen. Wanneer je jezelf hoort zeggen: “Geloof me, ik weet het” of Waarom geloof je me nooit”, dan is het Ego zich ermee aan het bemoeien… De eenvoudige uitspraak: “Licht is sneller dan geluid”, staat – los van de waarheid – niet in dienst van illusie, maar van Ego. Het is vervuild geraakt met een vals ‘IK’-gevoel. Dat ‘IK’ voelt zich vernederd of beledigd omdat iemand niet gelooft wat dat ‘IK’ heeft gezegd.

Omdat ik werkzaam ben in de alternatieve media en fervent onderzoeker van de hele menselijke beleving, weet ik hoe dit voelt. Ook ik heb woede gevoeld wanneer ik informatie deelde met mensen die dit niet wilden horen. In mijn hart wist ik dat dit gevoel helemaal niet nodig was en dat de reactie van  “IK” niet van belang was, aangezien ik mezelf comfortabel voel in mijn eigen weten.

Vervolgens beschrijft Tolle het probleem van de ‘Ik ben goed en jij bent fout’-mentaliteit en alle problemen die daardoor wereldwijd zijn veroorzaakt. Hij beschrijft dit als een van de manieren waarmee het Ego zich voedt, door te oordelen dat ‘jij beter bent dan de ander.’ Tolle stelt dat dit mentale disfunctioneren de oorzaak is van afscheiding en eindeloos conflict tussen mensen.

Betekent dit dat er dan niet zoiets bestaat als ‘goed en fout’? Niet noodzakelijk. Je kunt in je eigen waarheid blijven en in de waarheid die je waarneemt, zonder de drang om dat aan anderen te willen openbaren, of te moeten verdedigen. Ieder z’n eigen waarheid.

Je kunt altijd je eigen waarheid delen zonder de drang gelijk te willen hebben of om een discussie te willen winnen. Als je dat namelijk doet – in plaats van simpelweg informatie delen vanuit je hart, je passie, vanuit je enthousiasme om het delen – raak je in je Ego verzwolgen en sta je het toe zichzelf als een luchtballon op te blazen.

Het Ego is niet persoonlijk

“Vooral op collectief niveau is de gedachte ‘Wij hebben gelijk en zij ongelijk’ diep ingeworteld. Denk maar aan langslepende, extreme, endemische conflicten op de wereld tussen twee landen, rassen, stammen, religies of ideologieën. Beide kanten van het conflict zijn in gelijke mate geïdentificeerd vanuit hun eigen perspectief, hun eigen ‘verhaal’, hetgeen wil zeggen: geïdentificeerd met het denken. Geen van beiden is in staat om te zien dat een ander perspectief, een ander verhaal, ook tot de mogelijkheden behoort. De Israëlische schrijver Y. Halevi spreekt van de mogelijkheid om ‘tot een verzoenend verhaal te komen’, maar in veel delen van de wereld zijn mensen nog niet in staat of bereid dat te doen. Beide partijen zijn ervan overtuigd dat ze de waarheid bezitten. Beiden beschouwen zichzelf als slachtoffer en de ‘ander’ als dader. Omdat ieder de ander beschouwt als vijand, kunnen ze zonder enig gevoel voor menselijkheid en lijden meedogenloos doorgaan met doden en anderen geweld aandoen, zelfs aan kinderen.”

Dit is een zeer belangrijk punt. Het laat zien hoe het menselijke Ego op microniveau in het dagelijkse leven aanwezig is, wat ook een afspiegeling is van de collectieve houding ‘wij’ tegen ‘zij’. Of dit verhaal opzettelijk in de wereld wordt gebracht met als doel nog meer afscheiding tussen mensen te creëren, om elitaire agenda’s boven de rest te blijven stellen, is een onderwerp voor een ander artikel. Van groot belang is dat wij daar zelf de controle over hebben. Als meer mensen op Aarde zich zouden bezighouden met het verkleinen van het Ego, dan zal ook op collectief niveau een transformatie plaatsvinden. Wellicht is dat precies hetgeen we nu meemaken: een collectieve evolutie.

“Hebzucht, egoïsme, uitbuiting, wreedheid en geweld zijn nog steeds alles doordringend aanwezig op onze planeet. Wanneer je ze niet herkent als individuele en collectieve manifestaties van onderliggend disfunctioneren of mentale ziekte, val je in de kuil van verpersoonlijking. Je construeert een conceptuele identificatie voor een persoon of groep en zegt: ‘Zo is hij. Zo zijn zij.’ Wanneer je het Ego dat je in anderen waarneemt verwart met hun identiteit, is dat het werk van je eigen Ego die deze misvatting gebruikt om zichzelf te versterken door gelijk te hebben en daarom superieur. Het reageert met veroordeling, verontwaardiging en vaak woede tegen de waargenomen vijand. Daardoor wordt het Ego enorm bevredigd.”

CONCLUSIE

Het Ego begrijpen en effectief bespreken kan moeilijk zijn, maar dit is wel de kern van het tot stand brengen van een verandering in de hedendaagse menselijke ervaring. Wanneer de mensheid leert het collectieve Ego te transcenderen zullen we enorme vooruitgang boeken in hoe we met elkaar communiceren en waarschijnlijk een tijdperk van overvloed binnengaan, oftewel: “Een Nieuwe Aarde”. Het is niet alleen de sleutel tot wereldwijde verandering, maar ook tot veranderingen in ons eigen leven.

Er zijn talloze mogelijkheden om je Ego te transcenderen, jezelf te verlossen van al die knoppen zodat daar niet meer op gedrukt kan worden, je behoefte om altijd maar gelijk te willen hebben te verminderen of te stoppen met anderen vol te plakken met etiketjes volgens je eigen beperkte percepties. De hierboven beschreven tips van Tolle zijn simpelweg een paar belangrijke uit de lijst overige mogelijkheden, maar je zult ongetwijfeld een beter begrip van het Ego krijgen als je zijn boek Een nieuwe Aarde leest, waarop dit artikel is geïnspireerd.

Met toestemming overgenomen van Nieuwetijdsmagazine

Boeddha’s basics 6: juiste intentie

De juiste intentie komt rechtstreeks voort uit het leven zoals je het hier en nu leidt. De vraag is: wat heb jij te doen in deze fase van je leven? Het antwoord op deze vraag zal in verschillende fasen van je leven misschien anders zijn, daarom heb je bovenstaande vraag herhaaldelijk aan jezelf in ernst te stellen. Wat je jezelf voorneemt om te doen, moet kloppen met wie je bent. Niet alleen wie je bent in al je diep ingesleten patronen die samen het weefsel vormen dat je je ‘persoonlijkheid’ noemt. Maar ook wie je bent in je niet geconditioneerde staat, het Ongeborene, de Eeuwige, het Licht waarin alles verschijnt.

Je ongeconditioneerde essentie toont je niets uit te sluiten. Niets van wat zich voordoet is gescheiden van jouw aanwezigheid in dit moment. Alles rijst op uit het Ongeborene, is het Ongeborene en keert daarnaar terug. Op grond van deze essentie zijn in het Mahayana Boeddhisme de zestien voornemens van de bodhisattva, het geïncarneerde Licht, geformuleerd. Elk van de voornemens betreft een ander aspect van het samenvallen met jezelf, het ongehinderd genieten van je leven precies zoals het is:

 

De drie Juwelen

Mijn leven is het leven van de Boeddha

Mijn leven is het leven van de Dharma

Mijn leven is het leven van de Sangha

 

De drie Fundamentele Voornemens

Ik neem me voor om het kwade te laten

Ik neem me voor om het goede te doen

Ik neem me voor om alle levende wezens te bevrijden

 

De Tien Grote Voornemens

Ik neem me voor om niet te doden, maar alle leven te bekrachtigen

Ik neem me voor om niet te stelen, maar te delen

Ik neem me voor om seksualiteit niet te misbruiken, maar het lichaam lief te hebben

Ik neem me voor om niet te liegen, maar mezelf waarachtig uit te drukken

Ik neem me voor om mezelf niet te bedwelmen, maar wakker te zijn

Ik neem me voor om geen kwaad te spreken over anderen, maar te ondersteunen

Ik neem me voor om mezelf niet te verheffen ten kostte van anderen, maar de eenheid te zien

Ik neem me voor om niet gierig te zijn, maar te geven

Ik neem me voor om me niet te laten leiden door woede en haat, maar me in de plaatst te stellen van de ander

Ik neem me voor om de drie Juwelen niet te bezoedelen, maar instrument te zijn

(Zestien Mahayana voornemens)

Vijf mythologische verhalen over het ontstaan van de wereld

De Big Bang en het Bijbelse scheppingsverhaal zijn lang niet de enige verklaringen over het ontstaan van de wereld. Maak hier kennis met vijf mythologische verhalen over de schepping van de Aarde, afkomstig van tal van uithoeken in de wereld …!

Mythologische verhalen en tradities gaan vaak op de een of andere manier over het ontstaan van de wereld. Scheppingsmythes zijn de meest gebruikelijke vorm van overleveringen in alle beschavingen – mensen zijn gefascineerd door de vraag hoe alles ​​is ontstaan.

De verklaringen in historische culturen zijn buitengewoon divers. De mythologen Mircea Eliade en Charles Long hebben vijf fundamentele thematische categorieën geïdentificeerd waar de meeste van deze verhalen in passen. Hoewel anderen alternatieve systemen voor categorisering hebben voorgesteld, biedt de structuur van Eliade en Long een eenvoudige manier om de verschillende verbintenissen tussen de mensheid -en ideeën over creatie- te conceptualiseren.

  1. Ontstaan uit chaos

Veel mythologische verhalen gaan over het ontstaan uit chaos. Deze verhalen beschrijven vaak een primordiale, (behorend bij een vroege staat van wording), de ongeordende fase van vóór het bestaan, van ​​vóór het begin der tijden. Schepping treedt op wanneer de chaos een ordenende kracht tegenkomt, die vaak van menselijke aard is, en die samen het materiële universum creëren  zoals wij die kennen.

De Babylonische scheppingsmythe beschrijft de eenwording van Tiamat, de godin van de chaos en oceanen tijdens een oer fase met Abzu, de god van zoet water. De tablet Enuma Elis, (zie afbeelding), daterend uit de 7e eeuw  voor Christus, beschrijft de elementaire, chaotische zee waarin Tiamat met Abzu wordt verenigd:

“Toen de hemel erboven nog geen naam had, en de Aarde eronder evenmin, en de oorspronkelijke Abzu die hen verwekte, en toen Tiama, de moeder van hen beiden, hun wateren met elkaar vermengden, was er nog geen drasland te bekennen. En nog niemand van de goden was toen door het noemen van hun naam tot leven geroepen”. 

Een andere vorm van schepping uit chaos is de ontwikkeling vanuit het kosmische ei. In de mythologische verhalen van de oude Griekse Orphisme religie is de primordiale, hermafrodiete god Phanes geboren uit het Orphische Ei.

Het Orphische Ei kwam op natuurlijke wijze tot stand door de acties van Chronos, of ‘tijd’, en die van Ananke, of ‘noodzaak’. Vergelijkbaar met het Babylonische verhaal verenigt Phanes zich vervolgens met Nyx, de godin van de nacht, die actief het universum creëert.

Een variant van het Kosmische Ei komt ook voor in de Hindoeïstische en Vedische mythologie. Eerst in de Rig Veda, en wordt vervolgens ontplooid en uitgebreid in de Upanishads. De Hiranyagarbha, of Gouden Baarmoeder, zweeft in de oerchaos in incarnaties van het universum. Uiteindelijk splitst het in tweeën, en vormt het Kosmische Ei de hemel en de Aarde.

  1. Ex Nihilo

Ex Nihilo, of ‘de schepping uit niets’, beschrijft het soort mythologische verhalen waarin het universum vanuit absolute nietsheid plotseling tot stand komt. Dit gebeurt meestal door de wil van een godheid, maar het gebeurt soms ook spontaan, of zelfs toevallig.

Een bekend voorbeeld van de  Ex Nihilo schepping is te vinden in het Jodendom, het Christendom en de Islam, in de vorm van het Genesis verhaal. In deze tradities schept God het universum in zes dagen, uitsluitend door wilskracht, met de bekende woorden “Er zij licht”.

De oude Egyptenaren van Memphis kenden een soortgelijke mythe, maar gaven een diepzinniger uitleg van het mechanisme van de schepping. Ptah, de god van het ambacht en de architectuur, werd beschouwd als de belangrijkste godheid van de Memfieten. Ze geloofden dat een meesterkunstenaar zich een perfect eindproduct kon voorstellen, nog voordat hij de benodigde grondstoffen kon vormen. Ptah’s beheersing van het ambacht was zo groot dat hij toen hij het universum voorzag, en de dingen begon te benoemen die hij zich had voorgesteld, ze materialiseerden tot bestaan. Deze legende heeft mogelijk het maçonnieke denken beïnvloed, dat de schepper als een goddelijke metselaar of architect beschouwt.

Een meer unieke variant van Ex Nihilo-creatie komt voort uit de mythologische verhalen van de Kuba-cultuur in Centraal-Afrika. Voor het universum was er alleen duisternis en water, dat bewoond werd door de reusachtige, bleke god Mbombo.  Uiteindelijk voelde Mbombo een intense pijn uit het niets en braakte hij de zon, de maan en de sterren tot leven. De zon verdampte het water en creëerde de wolken en het land. Mbombo voelde zich een tijdje beter, maar werd toch al snel ziek en braakte hij opnieuw. Die keer creëerde hij alle dieren.

  1. Schepping met de lichaamsdelen van een oermens

Veel mythologische verhalen gaan over de verschillende aspecten van het universum die tevoorschijn komen uit lichaamsdelen van een godheid. Soms wordt een enkele godheid op de een of andere manier in stukjes gesneden die de componenten van de materiële wereld worden, zoals de hemel, aarde en water. In andere varianten wordt een verenigd paar mannelijke en vrouwelijke goden gescheiden. Het “vacuüm” dat door deze scheiding wordt gecreëerd, vult zich met het materiële universum.

In de oude Egyptische cultuur in Heliopolis, dat naast de Memphites bestond, evolueerde het universum uit het lichaam van de god Atum. Atum bestond in een oerzee van niets. Door een soort hermafrodiete reproductie, of goddelijke masturbatie, verenigde Atum zich met zijn eigen vrouwelijke energie en met gemanifesteerde Shu, de god van de lucht, en ook met Tefnut, godin van de regen. Tefnut en Shu verenigden zich vervolgens tot Aarde en de lucht, en om Geb en Nut, te creëren. Geb en Nut verenigden zich vervolgens, en creëerden de belangrijkste godheden Isis, Osiris, Nephthys en Set, die al het andere schiepen of baarden. In dit systeem zijn mensen directe afstammelingen van het lichaam van Atum.

In Maori-culturen van eilanden in de Stille Oceaan wordt de schepping veroorzaakt door de splitsing door de goden van de Aarde en de hemel, Rangi en Papa. Voordat ze dit universum creëerden, zaten ze opgesloten in een eeuwige omhelzing. Ze baarden alleen mannelijke kinderen, die vastzaten in het donkere, verkrampte niets tussen hen in. Uiteindelijk verlangden hun ingesloten kinderen naar licht, en dreven ze hen uit elkaar. Dit schiep ruimte voor het universum, dat wordt gevormd als een resultaat van oorlog tussen de god-kinderen van Rangi en Papa, die optreedt in de nasleep van de scheiding.

  1. Geboorte en ‘verschijning’

Het idee van verschijning is een van de meest unieke en allegorische interpretaties van creatie. Volgens deze verhalen reisden mensen ooit naar het huidige universum toe vanuit een ander, vaak mislukt, alternatief universum. Dit wordt uitsluitend bereikt door de meest nobele of zuivere mensen, met de hulp van een godheid. In andere tradities worden de ‘lagere’ werelden beschouwd als incubatiekamers die nodig zijn voor de geboorte in de naderende ‘hogere’ werelden.

Het thema geboorte is vooral te vinden in culturen van de Eerste Naties. De Navajo, Hopi en Zuni. Opkomende mythes hebben de neiging zich te concentreren op vrouwelijke, maternale energie als creatieve kracht. Deze verhalen bevatten vaak een abstracte, alomtegenwoordige aardemoederfiguur die geboorte geeft aan het bestaan. De vroegere versies van het universum worden gezien als de baarmoeder van de Aarde, die zielen van voedsel voorziet voordat ze in hun volgende vorm worden geboren.

De Hopi-cultuur van wat nu de Zuidwestelijke Verenigde Staten is, kent een cyclus van creatie door hergeboorte. Volgens de legende verblijven wij momenteel in de vierde iteratie van het universum. In elke vorige versie waren de mensen gelukkig en vriendelijk. In de loop van de tijd werden ze echter ongehoorzaam en roekeloos, en konden ze niet langer in vrede leven. Dan zou de Spinnevrouw, de symbolische vroedvrouw van de alomvattende Aardemoeder, de overgebleven nobele mensen naar het volgende universum leiden, dat totaal anders zou kunnen zijn. De vorige zou vernietigd worden, samen met alle slechtheid.

Op dezelfde manier kent de Zuni-scheppingsmythe een reeks van vier werelden, met toevoeging van een vijfde, de Daglicht Wereld, waar wij momenteel in leven. In het Zuni-verhaal ligt de vierde wereld diep onder de grond in complete duisternis. De mensheid begon lang geleden -in de vierde wereld-  in de buurt van het centrum van de Aarde. Na verloop van tijd, en met hulp van de goden, kregen de priesters het vermogen om gebedsstokken te maken uit het hout van een den, van populieren en van twee soorten sparren die in de vierde wereld groeiden. Ze gebruikten deze gebedsstokken om vanuit de vierde wereld omhoog te klimmen door de derde, tweede en de eerste wereld heen, eindelijk uitkomend in de Daglicht Wereld.

  1. De Aardeduiker

De Mythe van de Aardeduiker komt voor in Aziatische volksverhalen en beschrijft een magisch dier, dat de goden vanuit de hemel naar de Aarde hebben gestuurd en dat in de oerzee duikt om de materiële wereld te scheppen. Deze Aardeduiker wezens schuren over de diepten van de zee en creëren land, planten en dieren van de zeebodem. In veel van deze verhalen bestaan ​geesten of zielen van mensen en dieren die vóór de schepping nog in het oerrijk zweefden, en die ontwaken om de modder- en zandvormen te gaan bewonen die door de Aardeduiker zijn gebouwd.

Onder de Japanse inheemse Ainu bevolking wordt de Aardeduiker vaak gekarakteriseerd als een waterstaartvogel. De scheppende godheid stuurt de vogel naar de zee beneden, waar hij het water met zijn vleugels verstrooit en eilanden vormt met zijn poten. In andere versies van de Ainu-mythe is de Aardeduiker meer beer dan vogel.

In de mythologische verhalen van de Cherokee, waren er voordat er land was eerst uitsluitend luchtruim en oerzee. De waterkever die in de lucht woonde werd nieuwsgierig naar wat eronder in de zee was, dus dook hij erin. Na een tijdje zwemmen, wenste hij een droge plek om te rusten. Hij dook naar de bodem en haalde stukjes modder op, en bouwde hij het eiland dat later het land zelf zou worden.

In Finse mythologische verhalen wordt de Aardeduiker gecombineerd met de kosmische eier troop. Voor de schepping was er alleen de hemel, de dochter van de hemel Ilmatar en van de oerwateren. Ilmatar dook in de oerwateren om te rusten. Ze zwom 700 jaar lang, totdat ze een kleurrijke vogel in de lucht zag cirkelen op zoek naar een plek om te landen. Ze liet de vogel op haar landen en legde zes gouden eieren plus een ijzeren ei op haar knie. Terwijl hij zich op haar vestigde en de eieren bebroedde, werd dat ongemakkelijk en bewoog ze haar been. De eieren vielen en braken. De schelpen vormden het land. Het eiwit vormde de maan en de sterren, en de dooier werd de zon.

© Daniel Appel

Vertaling: Hansjelle Dijkstra

bron